In de Bijbel ligt ook een schat verborgen

De man op de wagen was een rijke, slimme man. Een ambtenaar uit Ethiopië, gelegen in Afrika. Hij beheerde de schatkamer van de koningin. Minister van Financiën, zou je kunnen zeggen. De eerste man uit Ethiopië die christen werd. Vandaag de dag is meer dan de helft van de inwoners van Ethiopië christen. Wat toen begon met die ene man die in Jezus geloofde, is uitgebreid over het hele land. Triest genoeg worden christenen in Ethiopië op dit moment vreselijk vervolgd. Ze zijn niet vrij om naar de kerk te gaan en sommigen slaan op de vlucht naar Europa.

Maar vandaag horen we van die ene man, die niet als vluchteling onderweg was. Maar als een afgezant van de koningin van Ethiopië. Hij had het beheer over alle schatten van het land. Goud en geld, andere kostbaarheden. Maar vandaag vindt hij een andere schat. Op een plek die je niet zou verwachten. Bij de woestijn. De plaats Gaza. Een naam die voor ons symbool staat voor het langdurige conflict in het Midden-oosten. Maar een naam die een prachtige betekenis heeft. ‘Schatkamer’.

Gaza betekent schatkamer. De schrijver van dit verhaal laat door die naam al iets doorschemeren van wat er gebeuren gaat. De donkere man uit Ethiopië die zoveel schatten beheert, die zal een schat vinden die meer waard is dan goud en zilver.

Wat is jouw schat? Denk je daar weleens over? Is er iets in je leven waar je zuinig op bent. Veel voor over hebt. Waar je alles voor wilt doen om die in bezit te krijgen? Misschien droom je van veel geld. Of van een mooie auto. Of van een baan als advocaat.

Dode letters
In de Bijbel ligt ook een schat verborgen. Een schat die onder de letters en woorden verborgen ligt. Woorden die met Gods hulp worden als muziek in je oren. Als je het hoort dat je er warm wordt van binnen en gelooft dat Jezus leeft.

Vanmorgen zien we dat God zelf er voor zorgt dat Hij niet vergeten wordt. Altijd brengt God zichzelf ter sprake. Dat betekent: Hij spreekt en laat van zich horen. Juist door de Bijbel. Want zo begint het. Filippus, een discipel van Jezus, wordt door de Geest van God in beweging gebracht. Hij moet het pad kruisen van de reizende man op de wagen. Zo begint het. Wij weten dat, we kunnen het lezen in het verhaal. Maar de man zelf wist dat nog niet. Hij weet nog van niets.

Dat kan dus, dat je nog niets van God merkt, maar dat Hij wel bezig is om iets te doen. Dat voorzichtig de letters van de Bijbel worden opgetild en je iets te zien krijgt van het geheim van God.
Zo is het voor de Ethiopische man. Al lezend reist hij verder. Maar de woorden die hij leest, ze zijn als was het een vreemde taal die hij niet kent. Hij begrijpt het niet. Een ervaring die je misschien wel kent. Dat je in de Bijbel leest, maar dat de woorden zijn als een dikke schil waar je niet door heen komt.

Dat kan met jezelf te maken hebben. Dat je altijd maar onderweg bent en nooit eens stil staat. Dat je al het andere belangrijker vindt dan luisteren naar God. Je niet weet hoe je concentratie en rust vindt om te bidden, te luisteren naar God. Of dat je zoveel vragen hebt gesteld, maar nooit een echt antwoord kreeg. Waardoor de schil om de Bijbel alleen maar dikker werd. Het boek van God nog moeilijker dan het al was. Dat kan allemaal.

Maar er is ook een andere kant.
De Ethiopische man leest uit de profeet Jesaja. Een stukje waarvan jullie zeiden: dat is best een mooi stukje. En dat is het ook. Die man begrijpt er niets van. Over wie gaat dit? En Filippus komt bij hem en gaat naast hem zitten. En vertelt. Eigenlijk staat er: hij preekt, hij evangeliseert, legt het evangelie uit.

Die woorden van Jesaja, die gaan over Jezus. Hij is als een schaap dat geslacht moet worden. Als een lam dat verstomd als hij zijn scheerders ziet. Beeld van Jezus in Gethsemane. Aan het kruis. In het graf. Woordeloos draagt hij zijn lijden. Hij is stemmeloos, zonder stem, zonder woorden om te spreken.

En dat is die andere kant. Dat God een geheim is. Hij laat zich kennen, ja zeker. Hij heeft ons zijn naam gegeven. Maar niet als een geschenk wat je uitpakt en in bezit hebt. Maar als Naam om mee te leven, om te leren kennen. Het geheim van Gods liefde is als een schat, waar je naar graaft en zoekt, maar die niet voor het grijpen ligt. Je hebt tijd nodig hebt om Hem te leren kennen, om te leren begrijpen wie Hij is en wat Hij zegt. Daarom lezen christenen nog altijd uit de Bijbel en bidden we en gaan we naar de kerk. Om iets van het geheim van God te proeven en te horen.

Want wie begrijpt dat Jezus is als een lam, als een weerloos dier dat geen geluid kan uitbrengen? Wie is God dat Hij zich zo aan ons laat zien, als een schaap dat geslacht moet worden.
Dan heb je richtingwijzers nodig. De Ethiopische man zegt het letterlijk zo: hoe kan ik dit verstaan, als niemand mij wegwijs maakt? Je hebt wegwijzers nodig, die je helpen om dat geheim te verstaan en daarmee te leven.

Een open woord
Maar Goddank, zorgt God er zelf voor dat je van Hem hoort. Hij doorbreekt het zwijgen. Het zwijgen van zichzelf. Het zwijgen van ons. De stilte en de leegte. Door zijn heilige Geest tilt Hij als het ware de sluier van de Bijbel op. Waardoor je ineens gaat zien, dat Hij je naam kent. Hij weet wie je bent. Psalm 139, we zongen het vanmorgen.
Dieper dan ik mijzelf ooit ken, kent Gij mij.
Dit zijn dingen, die hoor je alleen uit de Bijbel. Het zijn woorden van God die je doen leven. Zo helpt God je door zijn Geest om die schat op te diepen uit de Bijbel. Hij geeft wegwijzers om zijn liefde te leren kennen. Mensen om je heen. Dingen die je meemaakt. Zoals Filippus een wegwijzer was voor de Ethiopische man.

Want weet je, de woorden die de wereld je vertelt, daar kun je niet van leven. Waar je verteld wordt dat je alles kunt bereiken wat je wilt, dat geld je echt gelukkig maakt, of dat liefde maar voor even is. Waar verteld wordt dat je maar een klein en onbeduidend mensje bent in een gigantische kosmos. En dat er echt geen God is die voor je zorgt en van je houdt. En voor je het weet, ga je die woorden geloven. En er naar leven.

Gelukkig heeft God een stem en een Naam. En altijd, altijd weer zal God zelf spreken. Dat geloof ik. God zal van zich laten horen. Soms heel direct. Soms later. Zorg dan wel dat je de wagen van je leven eens stilzet, net als die man. Als je druk bent met school, vrienden, muziek, dat je even stilstaat. Op zondag naar de kerk komt, naar de catechisatie gaat. Dat je God zoekt en in de Bijbel leest. Want je hebt een woord van God nodig. Een woord van hoop en van genade, van opnieuw beginnen en van liefde.

Laat je storen door God en zijn Woord. Want in die hele grote wereld waarin wij leven, dat oneindige heelal wat zo groots en overweldigend is, in dat alles heeft God gesproken. En spreekt Hij nog altijd. Door zijn Woord en door zijn Geest. Zorg dat je daarnaar luistert. En geef niet zomaar op als je God niet hoort of niet ervaart. Want altijd weer zal God van zich laten horen.

Ga met God!

Amen.

Zondag 19 juni 2016, 9.30 uur
Handelingen 8: 26-39
PG de Hoeksteen
Ds. Hanneke Ouwerkerk