Daar worden de mensen nu al een beetje gelukkiger van…

1 februari, heeft Nederland prinses Beatrix bedankt met een groot feest. Beatrix is een Latijnse naam, die is samengesteld uit de woorden beatus of beata (= gelukkig); en -trix = is een vrouwelijk vorm van een werkwoord dat brengen betekent. Beatrix betekent dus Gelukbrengster.

En vandaag hebben we de Zaligsprekingen van Jezus gelezen – tegenwoordig moeten we ze eigenlijk De Gelukwensen van Jezus noemen, want het woordje zalig is in de Nieuwe Vertaling vervangen door het woordje geluk. In de Latijnse vertaling van de zaligsprekingen klinkt steeds: Beati qui, beati qui, beati qui. Gelukkig wie, gelukkig wie, gelukkig wie…
Het is mooi dat op de dag na het afscheidsfeest van Beatrix juist deze tekst, waarin haar naam zo duidelijk terugklinkt, op het oecumenische leesrooster staat. Dat is vast niet zo bedoeld door de knappe schriftgeleerden van de Raad van Kerken, en daarom is het des te mooier. Alsof God zelf een knipoogje geeft aan onze gepensioneerde majesteit: Goed gedaan, Bea. Je tijd als koningin is goed gelukt.

We zouden kunnen zeggen dat Beatrix het niet zo slecht gedaan heeft, want in allerlei geluksonderzoeken eindigt Nederland steevast ergens helemaal bovenaan – net als met schaatsen. Een onderzoek uit 2011 zegt: Voor kinderen is Nederland het gelukkigste land ter wereld.
Tegelijk zijn we een van de landen waar ongelooflijk veel geklaagd wordt. Daar mogen we op zondag werelddiakonaat wel even bij stil staan. Zoveel geluk en tegelijk zoveel geklaag. Wonderlijk. Met welk land zouden we willen ruilen? Met Bangla Desh, met zijn kinderen die onze T-shirts en spijkerbroeken in elkaar zetten? Met India, met zijn miljoenen die in armoe leven, voor wie wij vandaag gaan collecteren. Of met Syrië?
Blijkbaar voelen we ons in Nederland tegelijk wel en niet gelukkig. Wonderlijk. Maar geluk is ook een wonderlijk woord.
Wat is dat eigenlijk, geluk?
Hoe word je gelukkig?
Wat is geluk?

In mijn tijd in Afrika kwam ik straatarme maar lachende mensen tegen. En in Nederland wonen heel veel mensen die alles hebben, en die je bijna nooit ziet lachen.
En van de week bezocht ik een zieke man in Schoonhoven, hij is niet eens lid van onze kerk, en die zei: ‘Ik heb pijn en voel me de hele dag misselijk, en ik weet dat ik dood ga, en toch voel ik me iedere ochtend gelukkig dat ik er nog ben.’

Weet u, ik heb zelfs mijn afstudeerscriptie als dominee geschreven over de vraag: Wat is dat, geluk? Ik heb allerlei theologen en filosofen erop nagelezen en mijn conclusie was dat je de meeste kans hebt om gelukkig te worden als je er helemaal niet naar streeft om gelukkig te worden. Want geluk is geen doel op zich, geluk is een bijproduct. Net als geld of roem.

Probeer iets van je leven te maken. Gebruik de talenten die God jou gegeven geeft. Houd van de mensen met wie je je leven deelt. Leef een beetje gelovig, dat wil zeggen: optimistisch. En dan krijg je het geluksgevoel er vroeg of laat gewoon gratis bij.
Ik kreeg een 8 voor mijn scriptie. Daar was ik erg gelukkig mee. De enige kritiek was van de professor: het had wel wat bijbelser gekund. Daar had hij gelijk in.
Dus laten we nu maar eens gaan kijken wat de Bijbel zegt over geluk. Dan kunnen we goed bij de Bergrede beginnen. Als Jezus zijn Bergrede houdt, die Messiaanse State of the Union, dan zet hij in bij het woord zalig, of geluk. En dat doet Jezus op zo’n wonderlijke manier, dat iedereen ademloos luistert, en tegelijk volstrekt op het verkeerde been wordt gezet.

Gelukkig wie nederig van hart zijn…
Gelukkig de treurenden…
Gelukkig de zachtmoedigen….
Gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid…
Gelukkig de barmhartigen…
Gelukkig wie zuiver van hart zijn…
Gelukkig de vredestichters…
Gelukkig wie vanwege de gerechtigheid vervolgd worden,
want voor hen is het koninkrijk der hemelen.

Het is en blijft een wonderlijke tekst, waar je nooit helemaal je vinger achter krijgt. Met gemak kun je over iedere afzonderlijke geluksverklaring een preek houden. Wij beperken ons tot het geheel, en bij dat geheel stellen we één vraag. De vraag: Over wie heeft Jezus het hier? Op die ene vraag zijn drie antwoorden te geven.

1. Jezus heeft het over zichzelf. We kunnen de zaligsprekingen allereerst lezen als een zelfportret van Jezus. Een persoonlijk en theologisch zelfportret. Kijk maar: Zalig wie nederig van hart zijn… De Zoon van God kwam zelf uitermate nederig ter wereld, als een kind in een stal, en ook als volwassene had hij soms geen steen om zijn hoofd neer te leggen.

En Jezus treurde met de treurenden, en hij weende over Jeruzalem.
En hij toonde zich uitermate zachtmoedig.
En hij hongerde en dorstte naar gerechtigheid.
En hij toonde zich wonderlijk barmhartig.
En als iemand een zuiver hart had – dan Jezus.
En hij was een vredestichter.
En hij heeft zelf intens geleden omdat hij werd vervolgd en gekruisigd, ook al was hij een rechtvaardige. Maar Hij had nu eenmaal alles over voor Zijn Vader, en voor ons.

Was Jezus gelukkig als mens?
In de ogen van ons mensen: waarschijnlijk niet. Zijn leven eindige aan een kruis. Dat kun je moeilijk een Happy End noemen. Maar Jezus kijkt in de Bergrede niet naar zichzelf met de ogen van mensen, maar met de ogen van zijn Vader, van God. En dan wordt het een ander verhaal. Dan schets het evangelie het beeld van Jezus die voortdurend intens verbonden was met Vader. Hij deed de wil van zijn Vader. Hij stelde de liefde van Zijn Vader overal present. Ook in zijn lijden. Juist in zijn lijden. Waar Jezus was, was God aanwezig onder de mensen. Welke mens was in de ogen van de Vader beter gelukt dan Jezus, die hij bij zijn doop in de Jordaan de dooptekst meegaf: Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde’?
Was Jezus gelukkig? In de ogen van God was er geen beter gelukt, geen gelukkiger mens dan Jezus. Want zo had God de mens bedoeld, toen Hij hem schiep in den beginne.

2. Allereerst heeft Jezus het over zichzelf in de zaligsprekingen of ‘gelukwensen’. Maar in de tweede plaats zijn de zaligsprekingen ook te lezen als een portret van zijn leerlingen, die aan zijn voeten zaten. Ze hebben allemaal hun oude leven in de steek gelaten, en daar zitten ze nu op de grond (en vaak ook: áán de grond): arm, hongerig, verward, gehaat, vervolgd. Maar ook: zachtmoedig en barmhartig en zuiver van hart en op zoek naar vrede – , want dat is wat ze leerden van Jezus

Waren die 12 leerlingen in de ogen van de wereld gelukkige mensen? Dat is maar de vraag. Wij weten dat velen van hen uiteindelijk zijn terechtgesteld, net als Jezus. Ze waren misschien beter gewoon vissers gebleven. Waren ze in hun eigen ogen gelukkige mensen? Goeie kans dat ze zichzelf helemaal niet zo gelukkig voelen. Maar Jezus zegt dat ze in de ogen van God wel gelukkig zijn! Uitstekend gelukt…

Dat kan dus, volgens het evangelie. Dat je je als mens zelf niet zo gelukkig voelt, maar dat Jezus naar je kijkt en zegt: ja, maar je bent er zo dicht, bij je bestemming. Je gaat de juiste weg. Je doet wat God van je wilt. En dan zegt Jezus: In de ogen van mijn Vader ben jij als mens helemaal gelukt! En als je het nu nog niet weet, dan zul je het weten, later, in het Koninkrijk van mijn Vader, als je zult zien van aangezicht tot aangezicht. Heb er maar vertrouwen in.

Dus: Jezus schetst met de zaligsprekingen allereerst een portret van zichzelf, en vervolgens een portret van zijn leerlingen die daar op die berg aan zijn voeten zitten te luisteren. En trouwens: iedereen die naar Jezus wil luisteren mag zich een van zijn leerlingen noemen. Dat geldt ook voor ons.

3. En daarmee zijn we bij het derde antwoord op de vraag: Wie verklaart Jezus nu precies zalig of gelukkig? Het derde antwoord luidt: Jezus schets een portret van de gemeente, van de toekomstige kerk. Van ons dus.

Want soms lukt het, soms gebeurt het wonder, dat wij ons niet arrogant opstellen, maar nederig van hart. Dat wij niet onverschillig staan tegenover elkaar, maar dat wij treuren met de treurenden. Dat wij niet kiezen voor hard tegen hard, maar voor zachtmoedigheid. Soms gebeurt het dat wij oprecht hongeren en dorsten naar gerechtigheid, en dat wij het opbrengen om barmhartig te zijn, en dat wij oprecht streven naar een zuiver hart, en dat we oprecht vrede proberen te stichten. En dat wij de weg van Christus gaan, ook als het ons iets kost – want wij hebben weet van het kruis. Soms gebeurt dit wonder.

En dan zegt Jezus tegen ons: als jullie zo leven, dan is jullie leven even helemaal gelukt. En dan mag de wereld zeggen wat ie wil, en dan mag je zelf zeggen wat je wil, maar dan verklaar ik jullie tot zeer gelukte, gelukkige schepselen.
Zo kunnen we de zaligsprekingen, de geluksverklaringen van Jezus lezen als 1. een indringend zelfportret van Jezus, en 2. als een portret van de leerlingen aan zijn voeten, en 3. als een portret van zijn gemeente.

Gisteren werd prinses Beatrix in het zonnetje gezet. Het is haar van harte gegund.
Voor miljoenen arme anonieme mensen in India, in Zuid-Soedan, in Syrië is het leven niet zo zonnig. Daarom denken wij op de Zondagvoor het Wereldiakonaat aan hen. En wij bidden: ‘God, in onze menselijke ogen lijden al die mensen een onmenselijk leven. Maar laat het zo zijn dat u met andere ogen naar hen kijkt. Dat u door hun armoede en ellende heenkijkt, en de mens ziet zoals u hem ooit hebt bedoeld: mooie mensen, voor het geluk geschapen. En geeft U hen dan het geluk, dat deze wereld hen niet geeft. En mogen wij u daar dan een handje bij helpen. Daar worden die mensen misschien nu al een beetje gelukkiger van – en wijzelf ook.’

Ds. Frans-Willem Verbaas