De handdruk

Jezus kwam in hun midden staan en zei: ‘Ik wens jullie vrede!’ Na deze woorden toonde hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren blij omdat ze de
Heer zagen. Nog eens zei Jezus: ‘Ik wens jullie vrede! Zoals de Vader mij heeft uitgezonden, zo zend ik jullie uit.’ Na deze woorden blies hij over hen heen en zei:
‘Ontvang de heilige Geest. (Johannes 20:19b-22a) Zo hebt u het vaak genoeg zien doen bij de viering van het avondmaal in onze Hoeksteen.

Als we het Onze Vader hebben gebeden, zingen we het gezang Lam van God. In dit lied van drie strofen bidden we de Heer, dat Hij ons zijn vrede mag geven. De voorganger breekt intussen op de schaal het brood. Is het lied uitgezongen, dan vormen de dienstdoende ambtsdragers met de organist en de voorganger een rij achter de liturgische tafel. Ze delen met elkaar het brood en de beker en erna doen ze dat in de kerkzaal met alle andere gemeenteleden. Maar een gebaar maken om onze liefde voor elkaar te tonen (een kus ter begroeting, een knikje uit de verte of een handdruk) is er bij ons niet bij.

Misschien weet u hoe het bij onze anglicaanse zusters en broeders of onze rooms-katholieke buren toegaat bij de maaltijd van de Heer. Daar kent men de vredesritus. Ik schrijf maar een paar zinnen over uit het Romeins missaal: “De gelovigen smeken vrede en eenheid voor de kerk en heel het mensdom af en brengen tegenover elkaar hun wederzijdse liefde tot uitdrukking, alvorens zij aan het ene brood deelnemen. Wat het vredesgebaar zelf betreft, moeten de bisschoppenconferenties de vorm vaststellen, naar de aard en gewoonten der volken.” Die laatste zin is niet zo heel vreemd: plaatselijk moet de passende vorm gekozen en vastgesteld worden. De hand drukken of juist elkaar omarmen en kussen, voordat we het avondmaal vieren?

Over de kus schreef de apostel Paulus juist vaak aan het slot van zijn brieven aan ruziemakende kerkmensen. En hij noemde het nadrukkelijk de heilige kus(2 Korintiërs 12:12). Daarmee wilde hij zeggen: “Wanneer jullie mijn brief helemaal hebt horen voorlezen, dan moeten jullie wat doen. Laat mijn brief nu een instrument zijn, om de onderlinge gemeenschap te vernieuwen en een middel om je wederzijds te verzoenen. Geef door middel van de heilige kus elkaar de heilige Geest door.” (De andere apostelen zwijgen in hun brieven over het kussen als uiting van wederzijdse liefde, maar ze kenden vast en zeker de verhalen uit de joodse Bijbel. Over Jakob en Esau, die zich met elkaar verzoenen of over Jozef, die zijn broers kuste en het weer goed maakte.)

Misschien is de meest passende vorm voor ons Nederlanders wel het hand drukken, voordat we naast elkaar staan en de maaltijd vieren. De handdruk is in ons land een gebruikelijke manier om elkaar te groeten, maar dat geldt bepaald niet overal. In een aantal andere culturen geef je helemaal geen hand bij een ontmoeting. Met het gebaar van de handdruk bij de maaltijd van de Heer laten we zien, dat we een gemeenschap onderling vormen. We geven een hand aan mensen, die ons sympatiek zijn, maar ook aan mensen, met wie we niet goed overweg kunnen; we maken duidelijk, dat we bij elkaar horen. U ziet bij de maaltijd van de Heer ook mensen, met wie u wel eens een conflict gehad hebt, en wanneer alles weer goed is, is het heerlijk om naast elkaar te staan(Matteüs 5:28). Omdat we bij elkaar horen, zullen we proberen elkaar het leven wat draaglijker te maken, en – als dat kan – ook echt te helpen.

Of wij in de Hoeksteen er een gewoonte van gaan maken, om elkaar bij de maaltijd van de Heer de hand te drukken, weet ik nog niet. Wel is het zo, dat we iedere zondag na afloop van de kerkdienst iemand, die we nog niet kenden, de hand kunnen toesteken en een praatje aanknopen, wanneer die ander in contact geïnteresseerd is. En of dat laatste het geval is, ontdek u snel genoeg.

Ds Chris Koole