Er is een tijd om te spreken, en er is een tijd om te zwijgen

De evangelist Lucas beschrijft het leven van Jezus als een reis van Galilea naar Jeruzalem. In zijn tweede boek, het boek Handelingen, beschrijft Lucas de reis van het evangelie na Jezus als een reis die begint in Jeruzalem en die eindigt in Rome – het centrum van de toenmalige wereld.  Dat is dus de bijzonder gang van Jezus: via een achterafstreek, Galilea, naar Jeruzalem; en van Jeruzalem naar Rome. We hebben vandaag een gedeelte gelezen dat geldt als het officiële begin van deze reis. Vers 51: En het geschiedde…  toen de tijd naderde dat Jezus van de aarde zou worden weggenomen, dat hij vastberaden met zijn gezicht naar Jeruzalem richtte om daarheen te reizen. In de naam Jeruzalem klinkt het woord shalom, vrede. De weg naar vrede – daar gaat het dus om in het evangelie van Lucas. Maar tegelijk loopt de messiaanse weg van Galilea naar Jeruzalem dwars door Samaria heen…

Wanneer we de kaart er even bijhalen  zien we dat de weg van Galilea naar Jeruzalem dwars door Samaria loopt, waar de erfvijanden van Israël woonden. Het kaartje zegt: Jezus kon er vrijwel niet omheen!  Tijdens de ballingschap hadden Samaritanen zich in de vrijgekomen gebieden en dorpen en steden gevestigd. Zij hadden het geloof van Israël overgenomen, maar niet helemaal. Ze hadden een keuze gemaakt. Zo erkenden zij wel de eerst vijf boeken van Mozes, de Tora, maar niet de profeten en de geschriften. En ze hadden hun eigen heiligdom op de berg Gerezim waar zij offers brachten aan God,  terwijl voor de meeste Joden Jeruzalem de enige plek was waar offers gebracht mochten worden.  En toen onstaond er een situatie die sommige Rotterdammers en Amsterdammers misschien herkennen. Die hebben zo’n diepgewortelde hekel aan elkaar (waarom eigenlijk?), dat ze weigeren de naam Rotterdam of Amsterdam uit te spreken. Ze hebben het alleen maar over 010 of 020. Veel joden kregen bij de naam Gerizim een waas voor de ogen, en gekeerd kregen de Samaritanen bij de naam Jeruzalem een waas voor hun ogen. Etnische en religieuze verschillen, en alle ellende die daaruit voort kan komen …  Er is weinig nieuws onder de zon, verzichtte de Prediker al.

Tegenwoordig wordt het grondgebied van Samaria de West-Bank genoemd – de westoever van de Jordaan.  En inderdaad: nog steeds is het een gebied waar de spanningen, nu tussen Joden en Palestijnen, onoplosbare lijken.  Veel Israëlieten vinden dat de West Bank als Israëlisch grondgebied moet worden gezien. Ondertussen verlangen de Palestijnen daar naar een eigen staat.

Het huidige Israël heeft een hoge muur gebouwd tussen Israël en de West Bank. Om het grensverkeer tot een minimum te beperken. Een vreselijk litteken dat door het Heilige Land loopt.

De weg van Galilea naar Jeruzalem was ook in de dagen van Jezus een weg met hindernissen, en Lucas vertelt ons dat Jezus die hindernissen en pijnlijke situaties niet uit de weg ging. Al had hij het gewild, hij had het niet gekund.  En jawel, Jezus was nog maar nauwelijks onderweg, of de eerste hindernis diende zich al aan. Enkele leerlingen van Jezus waren vooruit gereisd naar een dorp, om de ontvangst voor Jezus voor te bereiden, maar de dorpelingen wilden hen niet ontvangen, omdat Jeruzalem het doel van zijn (Jezus’) reis was. (Letterlijk: Jezus hield zijn gezicht gericht op Jeruzalem, was op Jeruzalem georiënteerd.) Bij de naam Jeruzalem (010, 020!) krijgen de Samaritaanse dorpelingen de bekende  allergische aanval. Ze worden bevangen door jeuk en benauwdheid en ongastvrijheid. En zo leren we ook: niet alle Samaritanen waren barmhartig en gastvrij.

Goed, de leerlingen van Jezus komen het dorp niet in,  Jezus was er niet welkom, en als Jacobus en Johannes daar lucht van krijgen, reageren ze ook nogal allergisch. Vurig!  Heer, wilt u dat wij vuur uit de hemel afroepen dat die Samaritanen zal verteren?   Zo willen ze het etnische en religieuze conflict snel en gedegen oplossen. Met een stevig bombardement. Geen zand, maar vuur erover. In de vertel horen we het onheilspellende geluid aanzwellen van kruistochten en heilige oorlogen en aanslagen en aanvallen van drones.

Sommige vertalingen, zoals de oude Statenvertaling, hebben hier aan de woorden van Johannes en Jacobus nog bijzin toegevoegd: Heer, wilt u dat wij vuur uit de hemel afroepen dat die Samaritanen zal verteren zoals ook Elia heeft gedaan? Deze toevoeging zal ermee te maken hebben dat Jacobus en Johannes  er kort tevoren getuige van zijn geweest hoe Jezus op een berg een ontmoeting had met Mozes en Elia. Een diezelfde Elia, zo hadden ze vroeger op de School met de Bijbel geleerd, diezelfde Elia liet eens tot tweemaal toe vuur uit de hemel neerdalen op een groep soldaten van de boosaardige koning Ahazia. En nu stellen Johannes en Jacobus voor om het Samaritanen-probleem  op zijn Eli-aans op te lossen. Vuur erover, weg ermee. Stoer en zelfs bijbelgetrouw. Ja, joden en christenen moslims, we zijn er altijd tamelijk goed in geweest om onze heilige woede op basis van onze heilige boeken te onderbouwen. We zien het tegenwoordig weer gebeuren bij joden en Palestijnen in onze tijd, en bij de moslimbroeders en hun politieke tegenstanders op het Tagrirplein in Caïro van de afgelopen week.  Allemaal staan ze daar met hun heilige boek in de hand…

Jezus gaat hier niet in mee. Hij keert zich om naar Jacobus en Johannes en wijst hen streng terecht. Die ‘terecht wijzen’ is een erg stevig woord in het evangelie van Lucas. Eerder worden demonen en de satan en allerlei boze allerlei machten door Jezus terecht gewezen.  En nu laat Jezus twee van zijn eigen discipelen op de strafbank plaatsnemen. Jezus is fel. Hij wil van geen vuur uit de hemel weten. Zo ga je niet om met de heilige Schrift. Zo ga je niet om met de profeet Elia. Zo ga je niet om met je medemensen. Zo kom je vooral geen stap dichter bij Jeruzalem, bij de stad van vrede… Jezus gaat verder niet in discussie. Niet met zijn discipelen, niet met de ongastvrije Samaritanen van dat dorp. De Prediker zegt: Er is een tijd om te spreken, en er is een tijd om te zwijgen. Als er grote spanningen zijn, is het vaak beter om eerst maar tot 10 of tot 100 of tot 1000 te tellen en een poosje te zwijgen. Dat geldt in het groot- dat geldt in het klein in ons eigen leven, als we bijv. op het punt staan nijdig te reageren op een mailtje, o  eens flink los te gaan op andere social media. Goed, we hoeven niet altijd te zwijgen, maar vaak dienen wij God en onze naaste het beste als we eerst maar eens een poosje onze mond houden. Leert psalm 65 ons niet: De stilte zingt u toe, o Here…   Jezus gaat zwijgend verder, naar een ander dorp. Waarschijnlijk een ander Samaritaans dorp, ze reizen tenslotte door Samaria. In ieder geval gaat Jezus zwijgend, met een heilige onverstoorbaarheid, verder richting Jeruzalem – richting vrede.

Jacobus en Johannes, toch niet de geringste discipelen, hebben geroepen om vuur uit de hemel. De messiaanse ironie is, dat dat vuur uit de hemel zeker zal komen, alleen is dat een heel ander vuur dan het vuur waarom Jacobus en Johannes hebben geroepen. Eenmaal in Jeruzalem zal de tijd inderdaad komen dat Jezus van de aarde zal worden weggenomen. Dan moeten we denken aan de het gebeuren van kruis, opstanding en hemelvaart. En dan: vuur. Dan zal het Pinkstervuur uit de hemel neerdalen op de hoofden van de discipelen. Dat is dan geen militair of terroristisch vuur dat verteert en vernietigt, maar een vuur dat warmte en licht geeft en mensen samenbindt en vrede, shalom sticht. Een vuur dat Jeruzalem zal doen veranderen van een nationale hoofdstad in een universele hoofdstad waar alle volkeren elkaar verstaan. Dan zal de grote droom, al is het maar voor even, werkelijkheid zijn op aarde: de droom van het nieuwe Jeruzalem.

En niet lang na Pinksteren zal dan opnieuw een leerling van Jezus door  Samaria reizen. Hij zal de omgekeerde beweging maken, hij zal niet naar het oude Jeruzalem, maar vanuit het nieuwe Jeruzalem naar Samaria reizen. Filippus is zijn naam. We lazen over hem in Handelingen 8: Filippus daalde af naar de stad Samaria en predikte hun de Christus. En dan is het moment daar om wél te spreken. Dan is het moment daar dat de Samartinanen de verkondigde Christus wél kunnen ontvangen. Er wordt naar Filippus geluisterd, mensen worden geraakt door zijn woorden, grenzen vallen weg. ensen voelen zich bevrijd. En er kwam grote blijdschap in de stad.

Soms verwachten wij het niet, soms houden we het niet voor mogelijk, dat er shalom geschiedt, vrede, de vrede van Christus – in ons eigen hart, in onze eigen familie, in deze wereld. Toen Jezus bij dat ene Samartitaanse dorp kwam, gebeurde er eerst niets. Maar toen Filippus er na Pinksteren rondreisde, toen gebeurde het wel. Er geschiedde shalom. Het onmogelijke gebeurde. De vrede van het evangelie landde er en schoot er wortel –  Samaria en Jeruzalem, stad van vrede, vielen voor even samen…  Als dat zelfs in Samaria kan, dan kan het ook in Egypte. En als het in Egypte kan – dan zeker in Schoonhoven – én in Willige Langerak!

Amen.

Ds. Frans-Willem Verbaas