Wandkleed P.G. De Hoeksteen Wilma Tuytel

Genade vinden

Een van de oudste kerstliederen is het lied dat we straks als slotlied zingen: Kom tot ons, de wereld wacht. Het is door Maarten Luther vertaald in het Duits, oorspronkelijk geschreven door de kerkvader Ambrosius als het lied Veni redemptor gentium. Kom, Verlosser van de volken. Bach heeft er een cantate op geschreven, en uiteindelijk is het in Nederlandse liedboeken terecht gekomen als het lied
Kom tot ons, de wereld wacht,
Heiland, kom in onze nacht.

Het hoort onlosmakelijk bij de eerste zondag van Advent. Voor heel de wereld zingt de kerk dit lied, en roepen wij tot God om zijn komst. Wij wachten op Hem, tot Hij komt.

In deze weken volgen we Maria op de voet, omdat God in haar opnieuw begonnen is, en zij met hart en ziel gezegd heeft: De Heer wil ik dienen. Ik hoop dat we in haar voetspoor Jezus op het spoor komen. En Hem in ons leven ontvangen zullen, wie weet voor het eerst, of opnieuw. En een nieuwe toewijding leren aan onze Heer.

Twee woorden licht ik er uit, vandaag. Daar mijmeren we wat over, vanmorgen. Ter voorbereiding op de maaltijd, om ons hart te openen en de Heer te ontvangen, in brood en wijn.

Genade en dienen. Die twee woorden lichten op in de tekst. Genade. En dienen.

Genade vinden

Zou zij het gezongen hebben, Maria? Kom tot ons, de wereld wacht. Heiland, kom in onze nacht. Ik weet het niet, we lezen het niet. Maar zomaar op een stille ochtend, opent de hemel zich en komt God. In een wereld, die, ik vraag het me af, misschien niet echt op Hem zit te wachten. Maar God komt, en zendt een engel uit de hemel, naar een meisje, Maria. Wacht de wereld op Hem? Ik weet het niet. Maar in Maria wordt iets aangeraakt, dat haar hart opent voor de Heer.

Het komt bij God vandaan. Die eerste ontmoeting met de Heer, begint bij Hem zelf. Door een engel die spreekt. Of door je vader, je moeder. We spraken er over op catechisatie afgelopen week. Hoe komt God in jouw leven? Op welke manier kun je God tegenkomen? Zomaar, via je vader die zijn geloofsweg openlijk gaat en je daar af en toe van vertelt. Via je moeder, zo hartstochtelijk gelovig en dichtbij God. Jullie vertelden er iets over. Heel gewoon, misschien, heel natuurlijk op een bepaalde manier. Maar zo komt God in jouw leven, op die hele gewone manier.

Maria hoort God via een engel. Hij stuurt mensen, soms engelen, die je vertellen van God. Vandaag wordt ons verteld van genade die je toevalt. Maria, je hebt genade gevonden bij God.

Genade vinden bij God. Genade. Grace, in het Engels. Een van de prachtigste woorden die er is. Het heeft iets van ruimhartigheid, generositeit, overvloed van God. Eigenlijk kun je daar alleen maar van zingen. Amazing grace.

Maria vindt genade bij God. Een wonderlijke manier van spreken. Marilynne Robinson zegt in een van haar boeken, genade is een raadsel. Het leven is een mysterie, genade helpt ons om het uit te houden in dit leven. Maar ook genade is een raadsel.

Genade vinden bij God. Maria wordt gekozen, om de moeder van Jezus te zijn. God verkiest haar om het Christuskind te dragen. In haar begint God opnieuw, en opent er zich een nieuwe weg. Voor Maria, voor haar volk, Israel. Voor alle generaties die na haar komen.

God is gekomen, tot een wereld die misschien niet eens op Hem te wachten zit. En altijd zal God weer komen, als jij en ik, als wij bereid zijn om het Christuskind in ons hart te ontvangen. Waar Jezus ontvangen wordt, zal genade bloeien en overvloedig gegeven worden. Waar Jezus is, daar is genade.

Dienen
Genade valt je toe. Het word je zomaar gegeven, vanuit de generositeit van God, die komt, ook als er niemand op Hem zit te wachten. Maar als je eenmaal iets ontvangen hebt van die genade, dan wrikt het iets open in je hart. Er komt een ruimte in je leven, om Maria na te spreken. De Heer wil ik dienen.

Misschien heb je het nog nooit zo voluit gezegd tegen God. Of is het je dagelijkse gebed. Misschien is het je strijd. Hoe kan ik Hem dienen? Wat kan ik Hem geven, armzalig als ik ben?

Gods genade, de gave van Christus aan ons, vraagt een antwoord. Maria is de eerste die gezegd heeft: de Heer wil ik dienen, laat het gaan zoals U hebt gezegd. Begin er gewoon maar eens mee om dat na te spreken. Dat is al heel wat. Als je tot die overgave kunt komen. De Heer wil ik dienen, uw weg wil ik gaan.

Hoe dien ik de Heer in mijn leven? Eerst en vooral: door brood en wijn te ontvangen. In alle eenvoud is het een dienst aan God. God schenkt zichzelf, en uit dankbaarheid open ik mijn hart en mijn handen. En proef ik het brood, en drink ik de wijn. Doe intocht Heer, in mijn gemoed.

En als je morgen wakker wordt, en je brood eet, of je yoghurt, dan zeg je het nog eens: U wil ik dienen Heer, laat mij u dienen vandaag. En de genade die je vandaag ontvangen mag, die deel je uit aan je collega, aan je kind, aan je buurvrouw. En dinsdag breng je een maaltijd bij je overburen. En woensdag bid je voor het gemeentelid dat altijd naast je zit. En donderdag…

Mag zo de genade van God je leven doortrekken, en vormen. Dat zijn genade zichtbaar wordt, in alle eenvoud, en kleinheid, op de plek waar je leeft.

Geprezen zij zijn naam.

Overdenking zondag 2 december 2018
Lucas 1: 26-38
1e zondag van Advent
P.G. de Hoeksteen Schoonhoven en Willige Langerak
Ds. Hanneke Ouwerkerk

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.