God vraagt vandaag van ons om verbonden te blijven

Omdat ik aan de andere kant van onze provincie werk, breng ik heel wat uren in de auto door. En omdat de route naar ons verpleeghuis langs nogal wat verkeersknelpunten voert, komen er vaak heel wat uren bij die ik in de file doorbreng.

De file, het is een fenomeen dat mij na al die jaren nog steeds fascineert. Ik kijk graag om me heen, als we massaal stilstaan. Daar zitten we dan, allemaal in ons eigen hokje op wieltjes, met ons eigen muziekje, ons eigen hands-free telefoongesprek en, helaas, vaak ook druk bezig met onze eigen smartphone. Daar zitten we dan, in een auto die volgens de reclames ook nog eens uitdrukking is van onze eigen persoonlijkheid – en we denken allemaal dat we volstrekt onze eigen weg kiezen. Ik kan de ironie daarvan wel inzien, want ondertussen staan we, weliswaar allemaal op onze volstrekt eigen manier, samen hartstikke stil en kunnen we geen kant op zelfs al zouden we dat willen.

Nog iets dat mij fascineert, als ik onderweg ben. Rotterdam. Nog iedere keer wanneer ik door deze stad rijd, verbaas ik me. Overal grote gebouwen, overal flats.
En ik probeer me in te beelden dat in al die gebouwen, in al die ruimtes in die gebouwen, in al die flats, mensen leven, mensen wonen, mensen werken.

Allemaal in onze eigen, afgescheiden ruimte. Volstrekt zelfstandig, want dat is toch wat de maatschappij van ons vraagt? Zo snel mogelijk op eigen benen staan, zo lang mogelijk zelfstandig blijven, vooral je eigen keuzes maken en blijven maken. Voor jezelf kiezen. Je eigen leefwereld scheppen, je eigen leefruimte creëren. Niemand hoeft voor ons te zorgen, we redden ons zelf wel hoor, met onze tablets en smartphones bij de hand kunnen we tenslotte alles opzoeken wat we nodig hebben. Het wordt gepropageerd als de grootste vrijheid die er bestaat: niemand nodig te hebben. We doen het lekker alleen.
Zie ook daar de ironie. Want ziet dit er uit als vrijheid? En heb je werkelijk niemand nodig? Geen bakker die je dagelijkse boterham bakt? Geen stroomleverancier die je smartphone van een volle accu voorziet? En zie wat er gebeurt als de leverancier van het wi-fi netwerk ergens een foutje maakt….

Alles alleen doen. Het is een van de grootste illusies van onze tijd.

‘Alleen’ is nou niet bepaald wat Jezus in gedachten heeft voor de mensen die hem volgen.
We hebben dat gelezen in Johannes 14. Jezus heeft zijn discipelen verteld dat hij niet lang meer bij hen zal zijn. ‘Maar’ zegt hij daarbij: ‘ik ben niet bij jullie gekomen om jullie vervolgens weer in de steek te laten. Ik ben niet voor jullie opgekomen om jullie het vervolgens zelf op te laten knappen.

Nee.

Er zal een vervanger komen, die altijd bij je zal zijn: de Geest van de waarheid’.

Jezus laat hier duidelijk horen dat hij dat individuele geploeter niet ziet zitten. Dat is niet waar de mens voor geschapen is, om alles maar alleen uit te zoeken en alleen te moeten tobben. Nee. De mens is geschapen om in verbinding te staan met God en met anderen. En in die verbindingen wil God ons steunen. En daarom stuurt hij zijn Geest, de Pleitbezorger: iemand die voor je opkomt, iemand die je helpt bij alles wat we in het leven tegenkomen.

God laat ons niet alleen. Je bent niet alleen en je hoeft het niet alleen te doen.

Deze Geest, deze Pleitbezorger, die gestuurd wordt om ons te helpen, komt echter niet zomaar uit het niets. Voordat Jezus belooft dat de Geest van de waarheid zal komen, zegt hij namelijk:

Als je mij liefhebt, houd je dan aan mijn geboden. 16 Dan zal ik de Vader vragen jullie een andere pleitbezorger te geven die altijd bij je zal zijn: 17 de Geest van de waarheid.

Er zijn dus drie dingen die aan de komst van de Geest vooraf gaan: Een ontmoeting met Jezus, liefde voor hem, en het houden van de geboden van God.
Dit hoeft overigens niet noodzakelijk de juiste volgorde te zijn, het kan ook anders. Want in het laatste vers van onze tekst lezen we:

Wie mijn geboden kent en zich eraan houdt, heeft mij lief. Wie mij liefheeft zal de liefde van mijn Vader en mij ontvangen, en ik zal mij aan hem bekendmaken.’

Liefde voor God krijgt gestalte in het houden van Gods geboden. Van God houden betekent dus niet noodzakelijk dat je altijd een blij gezicht moet hebben of voor iedereen op ieder moment een mooi of bemoedigend woord. Nee. Eigenlijk is het liefhebben van God met name iets heel praktisch. ‘Als je mij liefhebt, houd je dan aan mijn geboden’. En als je die geboden houdt, dan ben je eigenlijk als vanzelf ook al bezig met het feit dat we niet alleen op de wereld zijn, want de geboden gaan juist over goed omgaan met God en de naaste. De geboden van God zijn bij uitstek bedoeld om verbinding te leggen en verbindingen in stand te houden.

Geloven in God betekent leven in de wetenschap dat de wereld niet om jou draait, dat er anderen zijn die zorg en liefde nodig hebben, dat we mensen zijn die geschapen zijn om verbinding te zoeken met anderen.

Dit alles betekent overigens niet dat je nooit meer even lekker op de bank kan liggen met je eigen I Padje, lekker even geen andere mensen om je heen, even in je eigen wereldje. Zeker niet. Ieder mens heeft op zijn tijd momenten nodig om zichzelf op te laden.
Maar het betekent wel, dat die afgeslotenheid en afzondering niet zo kan blijven. Want als gelovigen zijn we geroepen om de verbinding tussen God en mensen open te houden. Het is een grote uitdaging voor ons om in deze maatschappij van eigen keuzes en ‘zoek het zelf maar uit’ namens de Geest die ons bij staat, ook anderen bij te staan.

Het is een grote uitdaging, ook omdat je bij jezelf wel eens merkt dat je geen zin hebt. Geen puf. Geen moed om op te staan van de bank en je smartphone weg te leggen of je van de tv los te rukken. Misschien ook heb je er soms helemaal geen gevoel bij, als je anderen opzoekt, of helpt.

Toch is het, ondanks dat, goed om de verbinding te blijven zoeken. Ook als je gevoel niet meewerkt. Geloven heeft namelijk weliswaar alles met gevoel te maken, maar is daar niet alleen van afhankelijk. Als je God liefhebt, en zijn geboden houdt, dan doe je dat met hart en ziel, maar ook met je verstand. En soms voert dat verstand de boventoon.

Hoe het ook is, of je het moeilijk vindt of niet, blijf de verbinding met anderen zoeken, zoals God de verbinding met u en jou blijft zoeken door zijn geest te zenden. Blijf de verbinding zoeken. Waarom? Omdat je alleen in verbinding met God en anderen waarlijk vrij kunt zijn.

Dat klinkt als een paradox, maar is het niet. Ik zal uitleggen wat ik bedoel.

(er wordt een afbeelding getoond van een flatgebouw, waar iedereen zijn eigen ruimte heeft)
Dit beeld, van mensen in hun eigen ruimte, ieder in hun eigen leefwereld, zou een vorm van ultieme vrijheid moeten zijn, zoals de maatschappij ons dat voorspiegelt. Maar als we dit plaatje zien, dan twijfelt u daar waarschijnlijk net zo hard aan als ik.
En ik hoor ook in de verhalen van ouderen dat het zo niet ‘werkt’. Onder het mom van ‘volledige persoonlijke keuzevrijheid’ mogen zij de hulp en zorg inschakelen die nodig is. Althans, zo lijkt het. In de praktijk valt het tegen, worden mensen niet voldoende geholpen en zijn veel mensen eenzaam. Leve de autonome oudere. Als dit vrijheid is…?

En waar opname in het verpleeghuis door de mensen ‘buiten’ vaak als een verschrikking wordt ervaren, denken onze bewoners daar heel anders over: hier zijn mensen die je een vraag kunt stellen, die je helpen als dat nodig is, ook al is het midden in de nacht. Hier is verbinding met elkaar. Mensen komen vaak tot rust. Je bent weliswaar opgenomen, maar tegelijk vrijer dan toen je thuis was.

Vrijheid zit m in andere dingen dan waar de maatschappij aan denkt.
Want als we als gelovige mensen de verbinding zoeken met God en met andere mensen, dan gebeurt het volgende:

De Geest van de waarheid vindt een plekje in ons leven, in ons hart. Hij komt in ons ‘wonen’ zo zegt Jezus. Deze Geest helpt ons bij dat wat we al deden of beginnen te doen:
– God liefhebben met hart, ziel en verstand
– En onze naaste als onszelf.

Dat kan op een praktische manier, door de handen uit de mouwen te steken, het kan door anderen aandacht te geven, met hen mee te leven, het kan door voor hen te bidden. Op allerlei manieren kunt u de verbinding zoeken.

(er wordt een afbeelding getoond van verbindingen die mensen kunnen leggen)
U ziet hoe op deze manier muren, menselijke grenzen, overschreden en overstegen worden. Muren die u en uw buren van elkaar scheiden, muren die opgetrokken worden door een ongezond individualistisch ideaal.
U ziet hoe op deze manier landsgrenzen overschreden worden en we in verbinding kunnen komen met broeders en zusters elders. We kunnen zelfs grenzen van werelddelen overschrijden, door mee te leven met anderen, bijvoorbeeld via de projecten die de ZWO commissie aanreikt.
U ziet hoe we op deze manier, elk op onze eigen plek, in onze eigen flat, in onze eigen woning, op onze eigen plek op aarde, zo vrij als een vogel kunnen zijn. Dankzij Gods Geest, die ons vrij maakt. Dat is de Geest die God ons schenkt. Dat is de Geest, die ons doet beseffen: je hoeft het niet alleen te doen, je bent niet alleen.

Vandaag, op deze zogenaamde ‘wezenzondag’ die dubbel genoeg ook ‘moederdag’ is, heeft u de verbinding gemaakt. Door hier naar de kerk te komen, door met ons mee te luisteren via het internet. Door de week heen is er verbinding door de ontmoeting met elkaar, door te bidden voor de ander, door aan de ander te denken en een kaartje of mailtje te sturen.
En wat is de kerk, de christelijke gemeente, hierin belangrijk, wat leren we met vallen en opstaan hoe dat moet: de verbinding zoeken en vrij zijn.

Vandaag, op deze zondag, wordt de verbinding ook zichtbaar in de aanwezigheid van onze broeders en zusters uit Potsdam. Vandaag, op deze zondag, mogen we ons in het bijzonder met elkaar verbonden weten door brood en wijn te delen: tekenen van de verbinding die God met ons mensen wil maken, teken van zijn liefde voor ons, van het feit dat hij zichzelf aan ons schenken wil.

In een tijd waarin we voortdurend gevraagd worden om voor onszelf te kiezen, om onze individualiteit te benadrukken, om onze zelfstandigheid te vergroten, vraagt God vandaag van ons om verbonden te blijven. Om in liefde verbonden met hem, verbonden met zijn geboden, verbonden met elkaar.

Die verbondenheid met God en naaste, die maakt werkelijk vrij.

Amen.

Ds. Annemarie Roding
P.G. De Hoeksteen
8 mei 2016