God zegenen

Goed spreken over God. Dat is wat Paulus doet en wat de kerk te doen staat in navolging van Paulus. Goed spreken over God. Want dat is wat bedoelt wordt met die wat wonderlijke woorden: ‘Gezegend zij God, de Vader van onze Heer, Jezus Christus’. God zegenen wil zoveel zeggen als: goede woorden over hem zeggen.
Zegenen is eu-logos, eu = goed, logos = woord. Een goed woord van onze God vertellen.

Afgelopen week schreef Erik Borgman, katholiek theoloog aan de Universiteit van Tilburg, in dagblad Trouw over de stortvloed aan nieuws die ons zo in verwarring brengt (Trouw, vrijdag 22 juli 2016). Dat we alle grip verliezen en maar vanuit één perspectief kijken naar wat er gebeurt: uit alle macht proberen om met maatregelen de chaos te onderdrukken en te beheersen.
Vanuit het Evangelie, zegt Borgman dan, vanuit het Evangelie moeten we echter zeggen: alleen de waarheid maakt vrij. De waarheid die Jezus zelf zegt te zijn, die alleen maakt vrij.

Daar kun je nog veel meer over zeggen en over doorpraten, maar ik vond het een verademing om te lezen. Dat is iets van het zegenen van God. Goede woorden van Hem spreken.

En dat is broodnodig in een klimaat waar religie in zo’n kwaad daglicht staat. Begrijpelijk ook, door de daden die mensen doen uit naam van hun God. Maar het lijkt soms wel of christenen in dit klimaat wat onder de radar kruipen. Alsof we verstommen en geen woord meer weten uit te brengen.

Maakt het ons onzeker? Worden we er door in vertwijfeling gebracht? Misschien is het wel zo dat we God maar moeilijk kunnen vertrouwen. Is God voor ons al te menselijk, een onzekere, instabiele factor, met wie je het nooit helemaal zeker weet.

En we staan ook vaak met stomheid geslagen, als we zien en horen wat er gebeurt. Niet alleen wat het wereldnieuws aangaat. Veel vaker misschien nog wel als het ons eigen leed betreft, of het leed van hen die ons lief zijn, van onze broeders en zusters.
Onze verdrukking, zoals Paulus zegt. De ellende waar een mens in kan verkeren. Lijden aan het leven, tot diep in je ziel.

Maar midden in de dood, wordt de naam van God geprezen. Lof aan God, Hij die de Vader is van onze Heer. Hij is overvloedig in barmhartigheid en in bemoediging.

Barmhartigheid en bemoediging
De Vader van barmhartigheden. Uit wie alle barmhartigheid voortkomt. Vanuit het Oude Testament wordt barmhartigheid vaak verbonden aan het verbond dat God met mensen sloot. Een wonderlijk contract tussen God en ons, dat meer is dan een wederzijdse verplichting, maar waarbij er liefde in het spel. Liefde van God, waar wij op antwoorden.

In deze Vader is het verbond gewaarborgd. Omdat de barmhartigheden uit Hem zelf voortkomen. Het is geen do ut des. Ik geef jou iets en dan geef jij mij iets. Uit het hart van God ontspruit liefde en trouw. En wij openen onze handen, om het van Hem te ontvangen.

Paulus heeft zijn mond vol van bemoediging, talloze keren noemt hij het in 2 Korinthe 1. Een overvloed aan bemoediging geeft hij de gemeente mee. Het is het woord paraklesos dat hij hier gebruikt. Misschien ken je het wel. Het is een van de bijnamen van de heilige Geest. De parakleet. Het wordt ook wel vertaald met trooster. Para-kalei. Dichtbij roepen. Hij die je dicht bij zich roept. Het is deze Geest die uitgaat van God zelf, van wie gezegd wordt dat Hij de God van alle bemoediging is. Van alle vertroosting.

En nu maakt God zich zo aan ons bekend. Zo wil Hij heten, zo komt Hij ons tegemoet. Met zijn hart vol erbarmen en zijn nabijheid vol vertroosting.

Als wij God zegenen, dan beginnen we niet zozeer te vertellen hoe wij God ervaren, of hoe wij denken dat Hij zou zijn. Maar andersom. We beginnen bij God zelf. Hoe hij zich aan ons laat zien. En met welke namen wij Hem mogen noemen. En weet je, dan kan er iets gebeuren van: zo is God. En bij die God leg ik mijn leven en mijn ziel en zaligheid neer. In het vertrouwen en de hoop dat Hij zo mijn God zal zijn. Bidden en wachten om God in zijn milde goedheid te ontmoeten, midden in ons leven.

En dan zegt Paulus: zo wordt God genoemd, en zo dóet Hij ook. Want in de verdrukking is het God die ons er doorheen trekt. Zijn barmhartigheid omringt ons en zijn vertroosting is ruimhartig om ons heen. Midden in de verdrukking en de ellende, is God onze parakleet, onze trooster. Hij bemoedigt ons, met zijn Naam, met zijn nabijheid.

Vertellen wij het aan elkaar, als God ons uitgeholpen heeft? Als Hij ons er door heen heeft getrokken en ons weer rechtop heeft gezet? Gods naam wordt dan gezegend. En wij worden er door bemoedigd. Omdat er dan iets oplicht van Gods goedheid en zijn trouwe zorg.

Gezegend zij God, de Vader van onze Heer, Jezus Christus. Nu en tot in alle eeuwigheid,

Amen

1 Kor. 2: 3-4
Zondag 24 juli 2016
P.G. De Hoeksteen
Ds. Hanneke Ouwerkerk