Het bedreigde leven

Wie de Zoon heeft, heeft het leven. (1 Johannes 5: 12) Zo klinkt het woord van de Heer op deze zondagmorgen.
In een wereld die de adem inhoudt. Om mensen op de vlucht, overvolle treinen, opeengepakt in het ruim van een schip of rijen dik over de snelweg. Om gesloten grenzen en een verdeeld Europa. Om levens die verdrukt worden in het geweld en de onvoorstelbare chaos.

Een wereld die de adem inhoudt om een jongetje, aangespoeld op het strand, verdronken toen het kapotte bootje omsloeg en zijn vader hem kwijtraakte in de paniek van het moment. Heel de wereld ziet het kind, zijn leven in de kiem gesmoord. We huilen om hem en om al die mensen die hun leven verloren, op hun zoektocht naar vrede en vrijheid.

En ineens zie je hoe veilig en vrij je bent. Kun je zo dankbaar zijn om een dak boven je hoofd. Dat je niet met bange kinderen een tocht moet maken waarvan je niet weet waar die eindigt.

Het initiatief ‘Ik ben een gastgezin voor een vluchteling’ heeft in korte tijd duizenden Nederlanders op de been gebracht. Twee jonge mensen uit Apeldoorn hebben dit opgestart en roepen mensen op zich aan te melden om een vluchteling te steunen waar mogelijk. Afgelopen week spraken ze er over op televisie bij Pauw. Ze vertelden iets van hun drijfveer, de liefde van God zichtbaar maken.
Het laat iets zien van de waarde van elk mensenleven. Niemand is minder, voor God is elk mens gelijk, elk leven kostbaar. Vluchtelingen uit Syrië, Irak, of noem maar op, zijn mensen zoals jij en ik. Met een leven, dromen en plannen. Verlangend naar geluk, naar een toekomst voor zichzelf, voor hun kinderen.

Ik schrik ervan, hoe fragiel het leven is. En als de vluchtelingen een gezicht gekregen hebben, een naam, dan besef je eens te meer, ik had het kunnen zijn. Jij en ik, wij zouden zomaar in de schoenen van vluchtelingen kunnen staan.

Afgelopen zondag bij het programma Zomergasten was Damiaan Denys te gast, psychiater afkomstig uit België en nu werkzaam in Nederland. Het viel mij op dat Denys een scherp oog heeft voor wat er leeft in ons land. Angst is een thema dat veel voorkomt in zijn denken. Angst voor de dood noemt hij een van de meest fundamentele angsten van een mens. Het bleef mij de hele week bij.

Angst voor de dood. De dood die zo schrijnend zichtbaar wordt in het beeld van dat ventje op het strand. De doodsnood in de ogen van de jongen die eindelijk in een van de overvolle treinen zat en ineens merkte dat zijn moeder er niet was. Hij schreeuwde en worstelde uit alle macht om de trein weer uit te komen.

Het is een angst die des te sterker naar voren komt als je leven bedreigd wordt. Ergens huist het misschien altijd wel in je. Je hecht aan het leven en wilt het niet kwijtraken. Balancerend op de grens van leven en dood, wordt dat vaak alleen maar sterker. Grijp je alles aan om het leven vast te houden.

Wat komt er op je af als je in de spreekkamer van de dokter zit en het gevreesde bericht hoort. Uitzaaiingen, prognoses, wel of niet behandelen. Wachten op uitslagen. Of het nu jezelf betreft of een geliefde, in één slag is alles anders.
Hoe lang nog? Is een van de eerste vragen die je wilt stellen. Hoe lang nog tot de dood?
Maar ook als de ziekte minder ernstig blijkt dan gedacht, of als je herstelt en goede behandelingen krijgt. Er is iets omgewoeld in je leven. Het besef dat leven een einde kent.
Wie de Zoon heeft, heeft het leven
En dan zegt Johannes: Wie de Zoon heeft, heeft het leven.

Zoals Johannes dat zo stellig en bondig kan zeggen. Leven is te vinden bij Jezus Christus.
Goed, wat is dat leven dan? En hoe ontvang je dat? Daar gaan we mee aan de slag vanmorgen.

Maar eerst dit: Goddank heeft God ons zijn woord gegeven. Een woord van hoop voor een wereld in wanhoop. Hij spreekt tot ons, in al onze onmacht en verwarring. Dat we mogen leven, door Jezus Christus.
En het moet ons steeds weer aangezegd worden, dat evangelie van hoop en leven. Want als je krant opslaat, dan zou je het bijna vergeten. Als je het nieuws kijkt, dan kun je dit evangelie nauwelijks geloven. Maar hier, in de ruimte van de kerk, gaat het woord open. En bidden we dat God ons er weer bij trekt.

Als je gelooft dat Jezus de Christus is, dat is, Hij die door God geroepen is om zijn wil op aarde te doen, als je gelooft dat Jezus de Christus is, dan ben je uit God geboren. Mooi is dat, een heel teder beeld. Uit God geboren zijn. Uit zijn hand ontvang je nieuw leven. Wedergeboorte, wordt dat ook wel genoemd, sommigen kennen dat woord misschien nog wel. Opnieuw geboren worden.

Maar je bent toch al een keer geboren?
Ja, maar in het geloof ontvang je eeuwig leven. Een leven dat duurt, dat blijft, omdat het bij God vandaan komt.
Daar moeten we even bij stil staan. God geeft eeuwig leven. Dat zegt iets over God, over wie Hij is. Zijn verlangen is om jou eeuwig leven te geven. Hij tilt je als het ware op, gewoon, jij, met heel je leven, Hij tilt je op en zet je over in een geheiligd en gerechtvaardigd leven. Een leven dat goed is, omdat je het van God hebt ontvangen.
En daarom noemen we Hem: de God van het leven. Psalm 42 zingt er over.

En dan heb je als het ware twee levens. Dat is soms heel verwarrend en vervreemdend. Misschien ken je die ervaring wel.
Twee levens. Niet zoals in een computergame, dat je twee, vijf of tien levens hebt en eindeloos kunt doodgaan, omdat je steeds weer verder kunt met een volgend leven. Zo niet. Het gewone leven en het eeuwige leven gaan veel eerder naast elkaar op. Je zou het zo kunnen zien dat het eeuwige leven als een laag om je leven heen zit. Je gewone leven is opgenomen in het eeuwige leven.

De Bijbel zegt ook dat je burger bent van twee werelden. De oude wereld, deze wereld waar wij wonen. En de nieuwe wereld, het Koninkrijk van God. Aangebroken met de komst van Jezus, maar het staat nog uit om volledig door te breken.

Nou spreekt Johannes zo dat het lijkt alsof je Jezus kunt bezitten. Wie de Zoon heeft, heeft het leven…
Kun je de Zoon hebben? Blijkbaar.

Belijd dat Jezus de Christus is. De zoon van God. Door die belijdenis erken je Hem als je Heer. Niet dat je dan alles gelijk zeker weet en onbevangen gelooft. Nee, maar wel dat je erkent: ik moet het van God hebben. Hij is het die leven geeft en redt van de dood. In die erkenning wordt Jezus jouw deel. Raak je zo nauw met Hem verbonden, dat je voorgoed bij elkaar hoort. En dan kun je zeggen: wie de Zoon heeft, heeft het leven. Jezus is zelf het leven. En hij laat jou daar volop in delen.

Leven is…
Het is geen gemakkelijk evangelie. Het vraagt geloof en volharding. Want we denken heel anders over leven, dan de Bijbel ons vertelt.
Toch? We staan allemaal met beide benen in de samenleving. In een klimaat waar leven kritisch bevraagd wordt op kwaliteit en waarde.
Hele spannende vragen zijn dat die er op je afkomen als je ouder wordt, of met gezondheidsklachten kampt. Wat maakt je leven waardevol, de moeite van het leven waard?

Soms lijkt zelfredzaamheid het grootste evangelie. Eigen keuzes kunnen maken, zelfstandig je plan trekken en niet afhankelijk zijn van anderen. Maar wat als dat niet meer kan? Is je leven dan minder waard? Mag het dan nog leven heten, of is dat geen leven meer?

We worstelen ermee, ons land worstelt ermee. Uitzichtloos en ondragelijk lijden is een van onze grootste angsten. Dat je geen uitweg meer ziet en het leven geen vreugde meer geeft. Tot hoe ver kan een mens dat aan? Tot hoever kun je die levensweg gaan? Het zijn vragen die je benauwen. En waar nooit een makkelijk antwoord op te geven is. Ieder zoekt daarin zijn eigen weg te gaan, voor het aangezicht van God, samen met de mensen die bij je horen.

Biedt de brief van Johannes daarin niet een handvat?

Wie de Zoon heeft, heeft het leven.
Laat dat eens meeklinken in je denken over leven en dood. Het is misschien totaal anders dan hoe er over leven en sterven gedacht wordt vandaag de dag. Maar zo kostbaar is een mensenleven. Het wordt opgetild boven alles uit, omdat het in Gods ogen alles waard is. Of je nu ziek bent of gezond, droevig of blij. Of je nu zwak of dapper bent. Vluchteling of gevestigd.

Je leven krijgt waarde en zin door Jezus Christus. Omdat Hij het draagt in zijn barmhartige genade.

Is dat zo? Hoe weet ik dat?
Johannes roept er drie getuigen bij. Drie getuigen die bevestigen dat Jezus het Leven is. Water, bloed en de Geest. Het is een van de Bijbelteksten waar in de geschiedenis eindeloos over gedacht en geschreven is. Maar dat is niet voor nu. Voor nu is dit van belang: er zijn getuigen die bevestigen dat Jezus de Christus is. Hij die namens God het leven brengt.

Water, dat verwijst naar de doop. Bij de doop van Jezus kon iedereen horen en zien hoe de Geest als een duif op Hem neerdaalde. En God zei: Dit is mijn geliefde Zoon.

Bloed verwijst naar Jezus’ dood aan het kruis. Het diepste woord heeft daar geklonken. Vrijspraak voor de mensen, omdat Jezus zich liet binden.

En tot slot de heilige Geest. Hij overtuigt je hart ervan dat Jezus jouw Heer wil zijn.

Tot slot
Wie de Zoon heeft, heeft het leven. Zo klinkt vandaag het evangelie tot ons, in een wereld die door ziekte en dood wordt beheerst. Niet als een vanzelfsprekendheid. Of als iets om ons te sussen. Stil maar, het komt wel goed. Nee, zo niet. Maar wel als een woord van hoop dat ons vertelt: God is de God van het leven.

God is de God van het leven. Hij schenkt het jou in zijn Zoon. Aanvaard Hem met heel je hart. Laat je overtuigen door de Geest dat Jezus leven geeft. In zijn naam zul je leven ontvangen. Een leven dat bewaard is in de hand van God. In alle gebrokenheid en kwetsbaarheid. Ja, zelfs door de dood heen. Dat is óók het evangelie; door de dood heen blijft je leven bewaard bij God.

Maar als we God zo erkennen, als de God van het leven, dan zijn we geroepen om in zijn naam elk leven te eren en te erkennen als waardevol. Juist ook van hen die kwetsbaar en zwak zijn, van hen die op de vlucht zijn en ontheemd. Moge God ons daartoe de genade en de moed geven.

De kerkvader Augustinus zei, en daar sluit ik mee af:
Het geschenk van God is de warmte van zijn liefde.
Dat is het echte leven, dat zal het eeuwige leven zijn.

Lof zij U Christus, tot in eeuwigheid, amen.

1 Johannes 5: 1-12
Zondag 6 september 2015, 9.30 uur, Ziekenzondag
Schoonhoven (De Hoeksteen)
Ds. Hanneke Ouwerkerk