Kerstmis in het licht van het Oude Testament

Dat het Oude Testament echt niet verouderd is en verleden tijd zonder betekenis voor ons is, blijkt wel duidelijk. Als je een beetje moeite doet, ontdek je hoe groot de invloed van het Oude Testament is op de liturgie van de kerk. Denk aan het bijbelboek Psalmen.

In de dagelijkse gebeden en in de zondagse kerkdiensten worden de Psalmen zowel door Rooms-katholieken als Protestanten gezongen. En deze Psalmen worden telkens nieuw gezongen. Denk aan berijming van Joseph Gelineau (1920-2008) of aan het eigentijdse project Psalmen voor Nu.

Ook in het Europese denken, bij Calvijn en in het algemeen de gereformeerde traditie, heeft het Oude Testament een belangrijke plaats. Dat je als mens persoonlijke verantwoordelijkheid hebt en je je niet maar moet schikken naar het wisselvallige lot, is een boodschap rechtstreeks afkomstig uit het Oude Testament. En de politiek-filosofische opvatting van een toekomstige, volmaakte heilsstaat (Karl Marx) kun je alleen begrijpen, als je wat weet van de Oudtestamentische profetie.

Welvaart en vrede kunnen werkelijkheid worden door de inspanning van vastberaden mensen. Maar ook in de verhalen rondom de geboorte van Jezus, zeg: in het Kerstevangelie zelf, ontdek je allerlei aanknopingspunten met het Oude Testament. De liederen van Zacharias, Maria, Simeon zijn door en door Oudtestamentisch van stijl. Het lied van Maria (Lucas 1:46vv) doet wel heel sterk denken aan het lied van Hanna (1 Samuel 2:1vv).

Sterker nog: Kerstmis is vervulling van de profetie en hier is de eerste duidelijke verbinding aanwezig. Ben je aan het lezen in het evangelie van Matteus, dan kom je de eigenaardige uitdrukking tegen : “opdat vervuld zou worden het woord, gesproken door de profeten…” Allerlei is voorzegd lang tevoren, maar de verwonderde evangelist Matteus laat merken, dat hij nooit had kunnen denken, dat het zo zou gebeuren.

Zo is de geboorte van Christus voorzegd in Jesaja 7:14 (De maagd zal zwanger worden), Micha 5:1 (En gij, Bethlehem… geenszins de minste), Jeremia 31:15 (Rachel en haar kinderen). Vanuit de rationalistische geschiedsbeschrijving van honderd jaar geleden kwam het oordeel: dergelijke voorzeggingen zijn abnormaal. Het valt buiten de professionele horizon van de onderzoeker. Intussen zijn de onderzoekers wat meer bescheiden geworden.

Misschien zijn voor het beoordelen van dergelijke profetieën wel heel andere criteria nodig. En al helemaal, wanneer er sprake is van een rechtstreekse goddelijke openbaring. Zo is het mogelijk: Gods belofte wordt heerlijk vervuld (Gezang 143:3), God heeft een heilsplan met de wereld, en heeft dat laten weten aan zijn profeten. Maar dit programma verloopt niet automatisch, tegen de menselijke rijheid in. Beslist niet, vertelt het evangelie: Ook de geestelijke leiders van Israël en koning Herodes hebben hun plaats daarin. Maar door dit alles heen wil God zijn doel met Israël en de volken bereiken. Een mens hoeft daaraan niet te twijfelen.

Lees je in het Oude Testament, dan kom je niet alleen speciale voorzeggingen tegen, zoals Matteus ontdekte. De andere evangelisten kwamen in het algemeen een Christusverwachting in het Oude Testament tegen. Lucas vertelt van de aankondiging van de geboorte van het kind door de engel: U is heden de Heiland geboren, Hij is de Messias. Blijkbaar kenden de herders deze de uitdrukking. Want onder indruk gaan ze op weg om met eigen ogen te zien wat er gebeurd was. En zo werd de Messias verwacht door herders en grote groepen van het volk. Op een gegeven moment (Johannes 10:24) vragen de geestelijke leiders aan Jezus: Hoe lang ons nog in spanning gehouden, als u de Messias bent, zeg het ons ronduit. Dus: Christus is volgens het kerstevangelie echt die beloofde Oudtestamentische Messias; deze belofte wordt in Hem waar.

Hier raken we bij een punt, waar Joodse mensen ons niet meer kunnen volgen. Want wat zegt het Oude Testament
letterlijk over de komende Messias? Telkens wordt er door de profeten een komende, grote koning aangekondigd met een aanwijsbaar rijk. De Messias zal de verloren gebiedsdelen van het Noorden en Oosten weer bij zijn koninkrijk voegen, Jes. 8:23. De Messias zal de tempel herbouwen en een rechtsorde brengen, waarbij de goddeloze geweldenaar omgebracht wordt en er dus weer recht op aarde heerst, Jes. 11:4.

Met een bescherming tegen de vijanden en de waarborg van vrede, Micha 5:4v, en daarom de terugkeer van het paradijs, Jes 11:6vv. Dus een politiek, omvattend koningschap. Vandaar dat Joodse mensen in Jezus van Nazaret niet de beloofde Messias kunnen herkennen. Uit fijngevoeligheid maken ze het diepe verschil duidelijk door te spreken van de christelijke Messias en de eigen ‘mashiach’. Zo wordt door de profeten de Christus aangekondigd.

Nu vraag je terecht: Of deze aankondiging werkelijk ‘vervuld’ is met de geboorte van Christus? In feite is er sinds Christus’ geboorte niet zoveel veranderd, heersen recht en vrede niet overal op aarde. De kerstzang van de engelen – dissonant in deze wereld. Over de teleurstelling van de gevangen Johannes de Doper staat iets te lezen in Mat 11:3vv: “Is U de Christus wel, wanneer het recht niet zegeviert?” Zo ook de teleurstelling van de menigte en van Judas: Een Christus die alleen voor het innerlijk van ons mensen komt, is een Verleider en moet weg.

Daarmee blijft Kerstmis on-af, “Christus” geboren, maar het heeft nauwelijks consequenties. Hoe kunnen we nu reëel Kerstmis vieren? Als de naam ‘mashiach’ werkelijk toe te passen is op Jezus, d.w.z. als de Messias-verwachting van het Oude Testament Hem geldt, moet er nog iets te wachten zijn. Kerstmis betekent dan niet alleen vervulling, maar ook vertraging: Hij is er wel, maar Het is er nog niet en Het komt nog. In het evangelie zelf kun je dit vertragingsmoment zien, zoals de aanduiding ritardando in een muziekstuk. Enerzijds is Jesaja 61 in Lucas 4 vervuld, Petrus wordt tot de Christus-belijdenis gebracht en zalig gesproken. Anderzijds de bekende gelijkenissen: het zuurdeeg werkt langzamerhand door, koren en onkruid moeten samen opgroeien tot de oogst.

Deze vertraging hangt blijkbaar samen met de noodzaak van de prediking van het evangelie, waarin Christus’ persoon en werk uitgeroepen moet worden over heel de wereld. Daarin herken je ook iets van het geduld van God, zichtbaar geworden in de kribbe en heel de vernedering van Betlehem.

Ds. Chris Koole