Liturgie 9 augustus 2015

Orgelspel

Welkom/ aansteken van de kaarsen

(De gemeente gaat staan)

Intochtslied: Psalm 92: 1,2
1. Waarlijk, dit is rechtvaardig / dat men den Heere prijst,
dat men Hem eer bewijst: / zijn naam is eerbied waardig.
Wij loven in de morgen / uw goedertierenheid,
ook als de nacht zich spreidt / houdt ons uw hand geborgen.

2. Gezegend zal Hij wezen / die ons bij name riep,
die zelf de adem schiep / waarmee Hij wordt geprezen;
laat alom musiceren, / met stem en instrument,
maak wijd en zijd bekend / de grote naam des Heeren.

Stil gebed

V. Onze Hulp is in de Naam van de Heer.
G. Die hemel en aarde gemaakt heeft
V. Die trouw houdt tot in eeuwigheid,
G. en niet laat varen de werken van Zijn handen

Drempelgebed

Zingen: Psalm 92:3
3. Gij hebt mij door uw daden, / o Heere God, verheugd.
Mijn hart is vol van vreugd, / ik juich om uw genade.
Hoe groot zijn uwe werken, / de werken uwer hand,
Gij houdt het volk in stand. / Gij zult hun hart versterken.

Zingen: Morgenlied: NLB 210: 1,2
1. God van hemel zee en aarde
Vader, Zoon en heilige Geest
Die ons deze nacht bewaarde
Onze wachter zijt geweest
Houdt ons onder uw gezag,
ook in deze nieuwe dag.

2. Neem mijn dank aan, deze morgen,
dat Gij alle dagen weer
al mijn angsten, al mijn zorgen
met mij delen wilt, o Heer.
Nooit ben ik geheel alleen:
Gij zijt altijd om mij heen.

Gebed om ontferming

Aansluitend het Kyrie en Gloria zoals dat in onze liturgische katern staat (p8-10):

Gezongen Kyrie (NLB 299d deels)
Heer, ontferm U over ons
Christus, ontferm U over ons
Heer, ontferm U over ons

Gloria: (NLB 299e – deels)
Glorie, glorie aan God
Hoog in de hemel en op aarde vrede
In mensen van zijn behagen,
Wij loven U, aanbidden U
Vereren en zegenen U
Wij danken U om U glorie
Hemelse Koning, God over allen
Vader van mensen!
Jezus Messias, één met de Vader
Lam van God, die wegdraagt de zonde
Van heel onze wereld, geef uw ontferming!
Heilig, heilig zijt Gij alleen
Heer, allerhoogste
Jezus Messias, Heilige Geest
Glorie van God!
U alle eer, nu en altijd
Amen, amen, amen.

Moment met de kinderen

Zingen: lichtliedje 2:
Laat uw licht ons voorgaan, en uw geest ons bijstaan. Ga zo met ons mee! (3x)

Dienst van het Woord

Groet
V. De Heer zij met u
G. Ook met u zij de Heer

Gebed bij de opening van de Schrift

Eerste lezing: Psalm 62: 6-9 door Els
6 Zoek rust, mijn ziel, bij God alleen,
van hem blijf ik alles verwachten.
7 Hij alleen is mijn rots en mijn redding,
mijn burcht, ik zal niet wankelen.
8 Bij God is mijn redding en eer,
mijn machtige rots, mijn schuilplaats is God.
9 Vertrouw op hem, mijn volk, te allen tijde,
open voor hem uw hart,
God is onze schuilplaats.

Zingen: Psalm 62: 4,5
4. Wees stil, mijn ziel, tot God uw Heer,
Hij immers schenkt u altijd weer
zijn heil, – op Hem toch kunt gij bouwen.
Wankel dan niet, want Hij staat vast,
Hij is, ook als het onheil wast,
uw rots, uw enige vertrouwen.

5. Voorwaar, Hij is mijn heil, mijn rots,
mijn naam rust in de schutse Gods.
O volk, uw God laat u niet vallen.
Als gij voor Hem uw hart uitstort,
vertrouw dat gij gezegend wordt:
God is een schuilplaats voor ons allen.

Evangelielezing: Mk 7: 1-8 en 14-23 door Els
1 Ook de farizeeën en enkele van de schriftgeleerden die uit Jeruzalem waren gekomen, hielden zich in zijn nabijheid op. 2 En toen ze zagen dat sommige leerlingen brood aten met onreine handen, dat wil zeggen, met ongewassen handen 3 (de farizeeën en alle andere Joden eten namelijk pas als ze hun handen gewassen hebben, omdat ze zich aan de traditie van hun voorouders houden, 4 en als ze van de markt komen, eten ze pas als ze zich helemaal gewassen hebben, en er zijn nog allerlei andere tradities waaraan ze zich houden, zoals het schoonspoelen van bekers en kruiken en ketels ), 5 toen vroegen de farizeeën en de schriftgeleerden hem: ‘Waarom houden uw leerlingen zich niet aan de tradities van onze voorouders en eten ze hun brood met onreine handen?’

6 Maar hij antwoordde: ‘Wat is de profetie van Jesaja toch toepasselijk op huichelaars als u! Er staat immers geschreven:
“Dit volk eert mij met de lippen,
maar hun hart is ver van mij;
7 tevergeefs vereren ze mij,
want ze onderwijzen hun eigen leer,
voorschriften van mensen.”
8 De geboden van God geeft u op, maar aan tradities van mensen houdt u vast.’

14 Nadat hij de menigte weer bij zich had geroepen, zei hij: ‘Luister allemaal naar mij en kom tot inzicht. 15 Niets dat van buitenaf in de mens komt kan hem onrein maken, het zijn de dingen die uit de mens naar buiten komen die hem onrein maken.’

17 Toen hij een huis was binnengegaan, weg van de menigte, vroegen zijn leerlingen hem om uitleg over deze uitspraak. 18 Hij zei tegen hen: ‘Begrijpen ook jullie het dan nog niet? Zien jullie dan niet in dat niets dat van buitenaf in de mens komt, hem onrein kan maken 19 omdat het niet in zijn hart, maar in zijn maag komt en in de beerput weer verdwijnt?’ Zo verklaarde hij alle spijzen rein. 20 Hij zei: ‘Wat uit de mens komt, dat maakt hem onrein. 21 Want van binnenuit, uit het hart van de mensen, komen slechte gedachten, ontucht, diefstal, moord, 22 overspel, hebzucht, kwaadaardigheid, bedrog, losbandigheid, afgunst, laster, hoogmoed, dwaasheid; 23 al deze slechte dingen komen van binnenuit, en die maken de mens onrein.’

Zingen: acclamatie (NLB 339a)
U komt de lof toe, u het gezang
U alle glorie, o Vader, o Zoon, o Heilige Geest
In alle eeuwen der eeuwen.

Preek

Zingen: 422
Laat de woorden
die we hoorden
klinken in het hart.
Laat ze vruchten dragen
alle, alle dagen
door Uw stille kracht.
Laat ons weten
nooit vergeten
hoe U tot ons spreekt:
sterker dan de machten
zijn de zwakke krachten
vuur dat U ontsteekt.
Laat ons hopen,
biddend hopen,
dat de liefde overwint.
Wil geloof ons geven
dat door zo te leven
hier Gods rijk begint

Collecte

Weer heel
Ik heb het leven niet bespied,
niet tegen het licht gehouden,
ik danste wat en zong een lied
en als ik m’n handen vouwde
werd wat gebroken is weer heel
en ik kon weer liedjes schrijven
ik bad dan: Heer, ik weet niet veel
maar laat ’t maar zo blijven.
Toon Hermans

(liedboek, p1452)

Slotlied: 657:1,4
1. Zolang wij ademhalen
schept Gij in ons de kracht
om zingend te vertalen
waartoe wij zijn gedacht:
elkaar zijn wij gegeven
tot kleur en samenklank.
De lofzang om het leven
geeft stem aan onze dank.
4. Ons lied wordt steeds gedragen
door vleugels van de hoop.
Het stijgt de angst te boven
om leven dat verloopt.
Het zingt van vergezichten,
het ademt van Uw Geest.
In ons gezang mag lichten
het komend bruiloftsfeest.

Zegen
(gezongen amen)