Menselijk fatsoen

Vorige week sprak minister Frans Timmermans de VN Veiligheidsraad indringend toe. Hij zei: (..) Voor Nederland is dit het allerbelangrijkste: we brengen de lichamen van de slachtoffers vlucht MH 17 naar huis. Het getuigt van menselijk fatsoen, wanneer stoffelijke overschotten met eerbied behandeld en lichamen van slachtoffers zonder enig uitstel geborgen worden. Maar de afgelopen tijd hoorde ik tot mijn verbijstering vertellen van lijken die rond gesleept werden en beroofd van bezittingen. Stel u voor… (..)

Even was hij als een hoofdpersoon in een aangrijpend theaterstuk, die wil weten ‘wat nu de wereld van binnen bijeen houdt?’. Wat zijn de balken, die stevigheid geven aan het wereldgebouw, zodat die niet uiteenvalt in chaos? Wat maakt de wereld bewoonbaar, zodat wij mensen met onze kinderen en kleinkinderen er veilig en in vrede kunnen leven?

Op die vraag van Timmermans – en van ieder denkend mens- geeft de bijbel een principiëel antwoord. Het is het verbond van God met zijn schepping dat de wereld bijeenhoudt. (Daarvan hoorden we in het voorgelezen stukje uit Genesis 9.) God zweert in aanwezigheid van Noach en zijn nakomelingen (ook allen die nog geboren moeten worden): ‘Nooit weer zal alles wat leeft door het water van vloed worden uitgeroeid, nooit weer zal er een zondvloed komen om de aarde te vernietigen’(Gen. 9 : 11). Er is een grens aan Gods maar al te gerechtvaardige toorn, want de mensheid heeft het er naar gemaakt. Maar onbegrensd en van geslacht tot geslacht is zijn barmhartigheid waarin Hij de mens en de mensheid nieuwe levenskansen geeft. Altijd weer. Dat is een hoofdlijn in de bijbelse geschiedenis.

Het gaat er in de wereld niet altijd vreedzaam aan toe; het leven toont zoveel tegenstellingen. Het is een verhaal van afwisselend opofferende liefde en meedogenloos geweld, van waarheid en leugen, van stralende ontwikkeling en treurig verlies. Kunnen we eigenlijk wel leven anders dan zo? Het getuigt van menselijkheid dat we kunnen lachen en huilen, zingen en klagen, eten en vasten, feestvieren en rouwen op het smalle strookje grond en het korte streepje tijd dat ons gegeven is. Dat is onze positie als schepselen van God. Het schepsel is ‘iets… op de rand van het niets’. Sterk uitgedrukt, maar zo leert ons de bijbel al in het eerste hoofdstuk. Ons bestaan als schepselen is wonder-mooi en hachelijk tegelijk, want het hangt boven de afgrond van het niet-zijn. Toch hoeven we daar niet benauwd van te worden. Want we mogen weten en geloven dat dit kwetsbare en kostbare leven van ons gedragen wordt door het trouwverbond van God met zijn schepping.

Gods verbondenheid met ons, het verbond – dat is een kernwoord in de bijbel. Ik wil erover nog iets meer zeggen. Het initiatief voor het verbond komt van buiten. Het is God, die ‘ja’ zegt, die een verbond sluit. Het is niet onze keuze, niet ons initiatief. Omdat Hij ‘ja’ tegen ons zegt, mogen we gezond en wel deze dag beleven. Hebben we in de afgelopen week zoveel goeds mogen ervaren. En mogen we onbezorgd de toekomst tegemoet gaan.

Hier bij Noach is het een verbond van God met het hele mensengeslacht en de ganse aarde. Bij aartsvader Abraham en op de berg Sinaï met het volk Israël. En tenslotte in de Messias Jezus met Israël en de volken, met Joden én heidenen, met rechtvaardigen én onrechtvaardigen, ja, ook en juist met zogeheten zondaren, met verloren zonen en dochters. Zij die hun leven verprutst en verspeeld hebben, zich op doodlopende wegen bevinden, krijgen in Jezus een nieuwe levenskans, een nieuwe toekomst. En dat gebeurt doordat Hij zichzelf aan hun lot verbonden heeft en hun doodlopende wegen omgekeerd heeft.

Zeker dàn spreken we van het genadeverbond, bij Noach eerder van het trouwverbond. Het zijn kleine verschillen, want ook bij Noach weet God maar al te goed dat Hij met zondaren te maken heeft. In een beslissend onderhoud met zichzelf zegt hij, dat Hij de aardboden niet meer zal vervloeken ondanks dat ‘de mens nu eenmaal slecht is’(Gen. 8:21). Het trouwverbond is ook daar al een genadeverbond. God waagt het met ons, feilbare en soms mislukkende mensen. Hij is trouw en genadig. De menselijke ontrouw is niet het laatste woord, maar juist zijn ja-woord. God houdt de wereld in stand ondanks het menselijk falen. Dat is de troost, het moed gevende die besloten liggen in de naam Noah en het verhaal van Noach; een naam die ‘aangename rust, vertroosting, moed’ betekent.

Het verbond draagt ons leven en biedt uitzicht op de toekomst. Het schraagt ook de hele schepping. Het is er als het ware de verborgen binnenkant van, het gebint van het wereldhuis. Als het verbond met wat het inhoudt aan verplichtingen en beloften niet geschonden wordt, maar gehouden, dan wordt de wereld om ons heen toegankelijk terrein, betrouwbaar; we kunnen erin wonen en genieten. Verbondstrouw – oftewel: daadwerkelijke gerechtigheid – is het geheim van de wereld als goede en veilige schepping en van het menselijk samenleven in vrede en vreugde.

Liefde, maar dan als verantwoordelijkheid, kun je zeggen. Die houdt de wereld als menselijke wereld van binnenuit bijeen en in stand. Zoals balken, die stevigheid aan een gebouw geven. Wij horen en weten van Gods herderlijke zorg waarmee Hij instaat voor zijn schepping en zijn mensen. Die herderlijke liefde, ons voluit geopenbaard in de Messias Jezus, maakt het leven en alle dingen niet alleen draaglijk, maar zelfs goed, wezenlijk goed, en dat ook ondanks bitterheid, duistere raadsels en donkere schaduwen. Die schaduwen van armoede en ziekte, van eenzaamheid en miskenning, van verlies van levenskracht en eens-sterven-moeten kunnen die wezenlijke goedheid van het ons geschonken leven niet aantasten en het lied niet doen verstommen. Zelfs als wij onze dierbaren begraven, zingen we nog een lied voor de Heer, zoals afgelopen vrijdag gebeurde bij de uitvaart van Herbert Hooijkaas. En als wij zelf dat niet kunnen, doen anderen dat voor ons.

Leven in het vertrouwen in het verbond dat de Here God in Noach, in Jezus met ons en onze wereld gesloten heeft en die niet het werk van zijn handen loslaat. Nog één ding. Het verbond van God met de mensen vraagt om voortzetting en overeenkomstige vormen in de omgang van mensen en volken met elkaar. In de lange afscheidsgesprekken van Jezus met zijn discipelen zegt Jezus: ‘Mijn gebod is dat jullie elkaar liefhebben zoals ik jullie heb liefgehad’(Joh. 15 : 12, tevens dooptekst Noah Joël).

(Gods verbond van trouw vraagt ook iets van ons en onze omgang met elkaar. Ook in de samenleving van mensen en volken is het verbond van trouw en toewijding aan elkaar onmisbare voorwaarde voor orde en vrede. Dat houdt ook hier de wereld bijeen en in stand, zodat ze niet uiteenvalt in wanorde en rechteloosheid. Het verbond heeft hier het karakter van een bindende en verplichtende afspraak. Liefst vastgelegd in een wet of instelling. Maar daaraan gaat vooraf dat mensen elkaar niet negeren of demoniseren, maar elkaar aanspreken en eerbiedigen. Ook hun tegenstanders en zelfs hun vijanden, want juist met hen moet het tot een akkoord komen, willen we in vrede kunnen samenleven.

De inhoud van het verbond, van maatschappelijke convenanten en sociale contracten en tevens de kern van het samenleven in vrede is: de verantwoordelijkheid van mensen voor elkaar. Timmermans had het in zijn VN-toespraak over ‘menselijk fatsoen`. Die verantwoordelijkheid betekent dat wij mensen elkaar horen en zien, de ander opmerken, aandacht schenken, bijstaan of zelfs voor de ander instaan en opkomen in een soms riskante solidariteit. Een solidariteit die je reputatie kan schaden of je carrièrekansen. Maar voor vrede, menselijke waardigheid en menselijk geluk betalen we altijd een prijs of brengen we een offer. Dat is niet te veel gevraagd. Ze zijn die prijs meer dan waard. En wie zichzelf verliest in deze verantwoordelijkheid voor de ander en voor een menselijke toekomst zal niet vergeefs, maar waarlijk vruchtbaar en echt menselijk leven. We horen dat en leren dat in de school van Mozes en op de weg van Jezus.)

Beste doopouders, zijn naam Noah verscheen in de droom van moeder Jorgeanne. En hij zelf is ook een prachtig uitgekomen droom. De mogelijkheid een droom te verwezenlijken is precies wat het leven zo boeiend maakt (Paulo Coelho, Braziliaanse schrijver). Dat Noah Joël zich gekend mag weten als medemens door de mensen en als kind door God. En dat hij mag opgroeien tot een mens, die respectvol, trouw en eerlijk kan zijn. Neem de verantwoordelijkheid voor hem, verwezenlijk de droom en ontdek: Noah Joël maakt jullie eigen leven zo boeiend.

Ds. Chris Koole
Genesis 9 : 8 – 17
Noot: Voor dit werkstuk maakte ik dankbaar gebruik van een preek van dr. R. A. Kopmels.