Van liefde ongekend

‘Van liefde ongekend’ is de naam van een Passie- en Paasoratorium, van Johan Bredewout, geschreven in opdracht van Chr. Gem. koor De Zeeklank te Vollenhove.

Als christenen proberen we elke dag aandachtig te bidden en bijbel te lezen Maar je maakt wel eens iets mee, waaraan je geen touw kunt vastknopen. Dan lukt het niet, om je gedachten bij het gebed te houden. Volgens mij begint het hiermee, dat we op een bepaald moment leven met een verbroken verbinding tussen wat we voor waar houden en wat we absoluut niet kunnen opgeven EN wat we echt voelen. Je zegt dan: ik weet het allemaal wel, maar ik voel er nu – eerlijk gezegd – helemaal niets bij. Onwelkome en teleurstellende gevoelens, die bij je opkomen; je had het eigenlijk niet van jezelf verwacht.

Niemand eist van ons, dat we zulke gevoelens ontkennen, negeren, vrezen of verachtelijk vinden. Maar iets anders is, of je je daardoor de wet te laat voorschrijven en je jouw diepste overtuiging prijsgeeft. Die gevoelens hebben we en ze zijn zo sterk, dat we die herkennen en aanvaarden. Ze vormen een deel van het beeld van hoe wij onszelf voor God verstaan. Voor de levende God kunnen we niet verbergen, welke gevoelens we op dit moment hebben. Het volgende is, dat we dit moment wel in het juiste perspectief plaatsen. Doen we dat niet, dan lijken we eerder op stoicijnen dan op christenen, als we bekennen, dat we niet anders kunnen dan met onze onwelkome en teleurstellende gevoelens leven. Dan zeggen we: Je tanden maar op elkaar – doorzetten en je pijn en boosheid niet laten merken.

Maar wat nu, als we tot ons laten doordringen, dat in elk christelijk gebed Christus zelf in ons bidt ? Doordat we Christus’ leerlingen zijn, worden we binnengeleid in het leven van God de Drievuldigheid. Wat wil dat zeggen ? Dat wij hier en nu de plaats zijn, waar de Zoon de Vader lief heeft in de gemeenschap van de Geest. Wanneer wij bidden, is onze taak niet anders dan stil en volhardend de rommel op te ruimen, voor zover wij dat kunnen door de genade van God, zodat dit eeuwige gebed helemaal doordringt in wie we zijn en in wat wij doen. Dus christelijk bidden bestaat niet uit maar ‘loslaten’ in het luchtledige, en evenmin uit een krachtinspanning om op te klimmen tot in de hemel. We bidden omdat we naar een bepaalde plaats gebracht zijn, de plaats van Jezus in de tegenwoordigheid van de Vader. We doen wat we kunnen, om ons daar te hechten, zodat wat daar gebeurt ons omgeeft en ons vasthoudt. (Vergelijk het met wat je meemaakt, als je midden door een zangkoor loopt, dat een machtig Passie- en Paasoratorium staat uit te voeren. Je wordt gedragen door de muziek.)

Omdat we erop vertrouwen, dat dit aan de gang is om ons heen en binnen in ons, dan weegt hoe we ons voelen – opgewekt, vol vertrouwen, ontmoedigd, bang bezorgd – niet op tegen onze nabijheid bij Jezus. En zo wordt ons kracht gegeven, om door te gaan met onze taak, onszelf open te stellen voor Hem. Zo schrijf ik het maar neer en ik weet ook wel, dat er veel meer te vertellen is. Ik had ook kunnen verhalen, hoe mensen in de bijbel het geloof in God opgevat hebben. Het wordt dan een tekening van hun vertrouwen en volharding, hun zeker weten, dat niets uit te staan heeft met wat wij ‘presteren’ als wij ons stil houden en afwachten, maar alles te maken heeft met het eenvoudig waar laten zijn wat in eeuwigheid gebeurt als God God lief heeft in God. Het leven en sterven en de opstanding van Jezus, zijn Passie en Pasen, leiden als toegangspoort ons hier naar binnen. En steeds weer is het verbazingwekkend, dat we dit met woordeloze vreugde kunnen vieren, zelfs wanneer we weinig of niets in onszelf zien om blij van te worden!

Wat uiteindelijk ertoe doet, is dat God is, en dat God God wil zijn hier en nu, in mij, in mijn mede-christenen, in de hele wereld. Liefde ongekend, omdat het niet maar een van de vele dingen in onze wereld is; maar liefde, die heel ons vertrouwen waard is en die op den duur alles en iedereen zal herscheppen.

Ds. Chris Koole