Waarlijk, deze was een zoon van God

Als we op goede vrijdag het lijdensevangelie lezen, staan we meestal niet lang stil bij wat er volgens Matteüs gebeurde direct na de kruisdood van Jezus. Nadat Jezus de geest gegeven heeft, gebeurde volgens Matheus namelijk het volgende. In de tempel scheurde het voorhangsel, dat het heilige der heilige afschermde, van boven naar beneden. De aarde beefde. Rotsen scheurden. Graven werd geopend en de lichamen van veel gestorven heiligen werden tot leven gewekt. Maar ze kwamen pas na de opstanding van Jezus uit hun graven om zich aan velen in de heilige stad te vertonen.

Nogmaals: we lezen er meestal wat overheen op Goede Vrijdag – dan staat ons hoofd niet echt naar kritische bijbelstudie. Maar als kind al verbaasde ik mij over deze tekst. Vooral over die graven die opengingen en die heiligen die opstonden. Wat zou er verder met die heiligen gebeurd zijn? Waarom zegt  het evangelie verder niets over die ‘opstandelingen’.  Waarom laat Matteüs hen niet vertellen over hoe het is om dood te zijn, hoe het toegaat in het dodenrijk? En zijn die heiligen later opnieuw, voor de tweede maal gestorven?

Allemaal vragen. Van de 4 evangelisten vertelt alleen Matteüs over deze opstanding. Ik heb eens wat rondgestruind in mijn boekenkast en op internet, en ontdekte dat er maar weinig over deze tekst wordt gepreekt.

Met een groep gemeenteleden lezen we dit jaar de hele bijbel, en in de afgelopen zomer las ik deze tekst op een Zwitserse berg, en toen dacht ik, daar moet ik op een gewone doordeweekse zondag toch eens over preken, kijken wat er dan gebeurt.

Ik kwam uit bij een schilderij. Zie hier het beroemde schilderij De witte kruisiging van Marc Chagall. Chagall was een Russische en joodse kunstenaar, die in het begin van de vorige eeuw naar Frankrijk emigreerde, waar hij als jood op een beter en vrijer leven hoopte. In 1941, in de oorlog, moest hij als jood opnieuw vluchten – dit keer maakte hij de oversteek  naar de VS. Na de oorlog keert hij terug naar Europa, waar hij uitgroeide tot een beroemde kunstenaar. Hij is vooral geliefd vanwege zijn formidabele kleurgebruik en het gebruik van bijbelse een joodse motieven. In verschillende landen (ook in Israel) krijgt hij opdrachten krijgt voor muurschilderingen, en gebrandschilderde ramen te maken. (O.a. in de kathedraal van Metz, zagen we afgelopen zomer.)

In 1938 schilderde Chagall De witte kruisiging. In het midden van het schilderij de gekruisigde, naakt met alleen een joodse gebedsdoek om zijn lendenen. Aan de voet van het kruis staat een brandende menora, een zevenarmige kandelaar. Er is een zelfde lichtkring om de menora als om het hoofd van Jezus. Van rechtsboven naar links onder valt als een schijnwerper uit de hoge een ruime baan wit licht op het kruis.

De gekruisigde wordt omgeven door het lijden van de wereld. De gekruisigde heft het lijden niet op, maar is één met het lijden van het joodse volk, én met het lijden van de wereld.

Linksboven zien we een horde donkere mensen naderen: relschoppers die zin hebben in een pogrom? (Haren 2012?). Linksonder het kruis zien we een joodse man die achterom kijkt met zijn handen beschermend om de Torahrol. Een andere hulpeloze joodse man (ook linksonder) heeft om zijn nek een bord met daarop de woorden “Ich bin Jude”. We zien linksmidden verwoeste huizen, huisraad op straat, enkele mensen zittend bij een dode of gewonde. Rechts zien we een brandende synagoge. De kast waarin de Torahrollen bewaard worden staat open en de rollen liggen over de grond.

Weer links zien we  vluchtelingen die in een boot proberen weg te komen. (Bootvluchtelingen, ook van alle tijden.) Rechts onder, in groene mantel, een man op de vlucht. Is het de vluchtende jood door de eeuwen heen, is het Elia de profeet op zoek naar een gastvrije plek. We zien helemaal onderaan een vrouw met kind op de vlucht, zoals Maria en Jezus.

Boven het kruis zweven drie mannen en een vrouw: Abraham, Izaak, Jacob en Rachel. Zijn zij boden van God, bijbelse boodschappers die vertellen wat er nu eigenlijk allemaal aan de hand is? Ze hangen er boven om het goed te kunnen zien als satellieten van God.

In dit schilderij geeft Chagall zijn visie op de vervolging van de joden door de nazi’s. Hij gaat in dit schilderij dus heel vrij om met de tijd. Bijbelse taferelen en actuele taferelen uit 1938 lopen door elkaar. Verleden, heden en misschien ook wel toekomst (de ergste vervolgingen moesten nog komen, net als zijn eigen vlucht over zee naar de VS) struikelen over elkaar. Dat kan gebeuren wanneer iemand met een profetische , visionaire blik naar de werkelijkheid kijkt. Zo’n visionair ziet door de buitenkant heen, en dan blijkt de binnenkant, het eigenlijke, het wezenlijke niet gebonden aan de dimensie van tijd en ruimte.

Ik laat u dit beroemde schilderij van Chagall zien, omdat er in onze evangelietekst iets vergelijkbaars aan de hand is. Wanneer Matteus getuigt van de kruisiging, de kruisdood van Jezus, dan is het ook alsof de tijd zich verslikt. Matteüs vertelt geen chrolonologisch opgebouwd verhaal, maar hij schildert een profetisch, apokalyptisch tafereel, waarin verleden, heden en toekomst door elkaar heen lopen.

Wanneer Jezus de geest geeft, dan scheurt het voorhangsel in de tempel. Dat wil zeggen: de oude tempelcultus is voorbij, voorgoed verleden tijd. Het definitieve offer is gebracht – door God zelf. En: het heilige der heilige is nu direct toegankelijk voor jood en voor heiden. Oude grenzen vallen weg.

Wanneer Jezus sterft: dan beeft de aarde. Die bevende aarde vinden we ook in bijv. Rechters (5: 4, 2) of 2 Samuël (22: 8  – Een overwinningslied van David) en Psalm 68: 9 – Toen God verscheen, beefde de aarde… (En bijv. ook: Jesaja 5: 25; 24:18; Joël 2:10, 3: 16.) Dat beven van de aarde is een oud profetisch,  apocalyptisch oordeelsteken. De oude aarde wordt geoordeeld. Door elkaar geschud. Wankelt op zijn grondvesten.

Hetzelfde geldt voor het scheuren of splijten van de rotsen. Dat vinden we bijvoorbeeld in Zacharia 14: 4: De olijfberg zal in tweeën splijten... Ook hier gaat het om een oordeelsteken. Deze harde wereld is niet zo hard, of God heerst zelfs over haar hardheid.

En aangezien in de rotsen vaak graven werd uitgehakt, gaan bij het splijten van de rotsen een aantal graven open. En veel gestorven heiligen werden opgewekt. Gestorven die levend worden – dat doet erg denken aan het beroemde visioen van Ezechiël, die heel plastisch zag hoe een dal vol doodsbeenderen weer tot leven kwam. Vers 37: 12,  Dit zegt God, de Heer: Mijn volk, ik zal jullie graven openen, ik laat jullie uit je graven komen en ik zal jullie naar het land van Israël terugbrengen. Het gaat om een oud visioen van de wederopstanding van Israël en terugkeer naar het Beloofde Land. Dat visioen uit Ezechiël werd in de synagoge trouwens altijd gelezen op de Sabbat na Pesach, dus… op Goede Vrijdag! Dat visioen hing op de dag van de kruisiging in Israël dus ‘in de lucht’.

En het gaat om heiligen die werden opgewekt. Heilig betekent: apart. heiligen zijn mensen die apart, die anders zijn. In het OT wordt dan bedoeld: het volk Israël. Of: meer specifiek: de rechtvaardigen. Volgens Paulus zijn het de volgelingen van Jezus, die ‘anders’ zijn.

Opvallend is dat deze heiligen al worden opgewekt op het moment dat Jezus net gestorven is. Het lijkt er dus op dat zodra Jezus het dodenrijk betreedt… hij meteen begint met het bevrijden van de mensen van hun doodsketenen en van hun zonde. Zo verwoordt Petrus het ook in zijn brief: (1 Petrus 3: 19) –  Hij is naar de geesten gegaan die gevangen zaten om de vergeving van de zonden te verkondigen!

Als een soort wegbereiders gaan die eerste opstandelingen Jezus voor – al meteen na zijn kruisdood. Volgens een kerkvader hoorde Johannes de Doper ongetwijfeld bij deze ‘voortijdige’ opstandelingen. (Commentaar Nielsen, dl. 3, p. 170, voetnoot 136). Johannes als wegbereider van de opstanding!

Zoals Chagall boven het kruis de aartsvaders en een aartsmoeder schilderde, en ze leven!, zo schildert Matteüs gestorven heiligen die bij het kruis weer tot leven komen. Net zoals Chagall zich weinig aantrekt van de chronologie van de heilsgeschiedenis, zo doet Matteüs dat, wanneer hij getuigt van die cruciale kruisigingsscene ook niet. De evangelist en de schilder – ze staan heel dicht bij elkaar.  En zien hetzelfde.

Tot slot vertelt Matteus ons dat de Romeinse centurio en zijn manschapen, de aardbeving voelden en merkten wat er (allemaal) gebeurde). Zij worden dan eerst door hevige angst overvallen, en daarna zeggen ze, wijzend op de gestorven gekruisigde: Waarlijk, deze was een zoon van God.

Zoals Chagall alles uit de kast haalde om zijn Witte kruisiging te schilderen,  zo haal ook Matteüs alles uit de kast om de kruisdood van Jezus met woorden te schilderen. Alles wat Matteüs laat zien: het scheuren van de voorhang, de aardbeving, de splijtende rosten, de graven die opengaan, de overleden heiligen die worden opgewekt… dat alles fungeert als een verzameling tekenen die naar de ene werkelijkheid van dat ene onzegbare wonder verwijzen: de opstanding van Christus.

En bij die soldaten werkt het. Want de centurio en zijn manschappen worden erdoor tot geloof gebracht en zijn belijden hun geloof met de woorden: Waarlijk, deze was een zoon van God.

En dan kunnen we even terugdenken aan het begin van het evangelie van Matteüs, toen drie wijzen uit het oosten, namens de heiden de pasgeboren Jezus kwamen aanwijzen en aanbidden als de ware Koning der Joden aan.  Nu zijn het opnieuw een stelletje heidenen, Romeinse militairen, die de gekruisigde aanwijzen en die belijden: Waarlijk, deze was een zoon van God!  Vanaf de stal tot aan het kruis… worden wij, de volkerenwereld, zo betrokken bij het heil van Israëls Messias.

Wanneer wij aandachtig kijken naar De Witte kruisiging van Chagall dan kan het bijna niet anders, of wij weten: dit schilderij gaat op de een of andere manier ook over onze wereld, en dus over ons.

Wanneer wij aandachtig luisteren naar de manier waarop Matteüs de kruisiging vertelt, geldt dan ook niet dat wij weten: dit schilderij van woorden gaat niet over een wereld van lang geleden. Maar het gaat over onze wereld, en dus over ons.

Ds. Frans-Willem Verbaas