We hebben het gekregen. Het is een cadeau van God. Wij zijn de gasten van God.

Het is einde van de uitocht uit Egypte. Na 40 jaar zwerven in de woestijn, komt het volk Israël aan bij het beloofde Land.
Het manna is opgehouden te vallen.
Jozua heeft de leiding overgenomen van Mozes.
Israël staat aan de grens van het beloofde land. Het Beloofde land ligt voor het grijpen! Eindelijk! Een droom wordt werkelijkheid. Een eigen land. Nu begint het echte leven! Alleen: tussen Israël en het Beloofde land ligt Jericho, de stad die de grens controleert en de belangrijke grenswegen.

Jericho is de laatste wegversperring op de weg naar het Beloofde Land. Jericho is Israëls laatste obstakel, struikelblok.

Van Jericho wordt verteld dat het een gesloten bolwerk is. Er staat: Jericho was gesloten voor de zonen van Israël. Niemand kwam er in, niemand kwam er uit. Jericho is zo sterk en gesloten, dat de Israëlieten er eigenlijk geen gat inzien. Dit laatste loodje weegt wel heel erg zwaar. Hoe moeten ze nu die laatste stap maken?

Jericho is een stad, maar Jericho is meer dan een stad. Jericho is het vervelende obstakel dat we allemaal tegenkomen op onze levensweg, vroeg of laat. We hebben een ideaal, een droom – maar op de weg naar dat ideaal stuiten we op een wegversperring, een gat in de weg, een obstakel, een… Jericho. Hoe moeten we dan verder?

Het Jericho op onze levensweg kan zijn:

  • Vooral als je jong bent: dat je onzeker bent. Over jezelf. Kan ik het wel, durf ik het wel. Heel veel mensen blijven stilstaan, omdat ze iets niet durven.
  • Of dat je denkt: ik zou veel gelukkiger zijn als ik maar niet zo… dun, of dik was. Of niet zo wit, of niet zo bruin. Of als ik maar beter kon eren, of voetballen… Dan ben je je eigen obstakel. Dan ben je je eigen Jericho. Dan moet je jezelf overwinnen.
  • Het Jericho van de Schriftgeleerde, in de gelijkenis van de Barmhartige samartiana, is dat hij teveel met zijn hoofd egeloofd. zijn geloof moet zakken, nar zijn hart, en naar zijn handen: hij moet leren van harte barmhartigheid te doen!
  • Eigenlijk is het leven vol Jericho’s. De Middelbare school – ook zo’n Jericho. Tussen jou en je toekomst staat de middelbare school. Volgens jaar begin je eraan. Misschien heb je veel zin. Maar misschien denk je bij jezelf wel: als dat maar goed gaat. Wiskunde???? Als ik het maar kan. Als ze maar een beetje aardig voor me zijn- en ik voor hen. Ik dacht mijn hele middelbareschooltijd: als ik dat examens straks maar haal… Achteraf denk ik: stom, het ging best makkelijk. Allemaal zorgen om niets.
  • Of je hebt een lichamelijke beperking. Je ziet slecht, je bent een beetje doof, of je hebt ADHA, of je bent ergens allergisch voor. Faalangst. Een ziekte, een handicap kan ook een Jericho zijn. – Zo heeft iedereen wel zijn eigen Jericho. Een obstakel op jouw levensweg. Je staat ervoor. Je ziet er soms geen gat in. Hoe overwin je het?

Soms kun je een probleem oplossen, soms lukt dat niet zomaar. Dan sta je maar te rammelen aan de poorten van Jericho. Jozua zoekt een uitweg. Hij dwaalt rond de muren van Jericho. Op zoek naar een zwakke plek, een gat, een ingang, een oplossing. Dan ziet hij plotseling een onbekende man tegenover zich staan, met een getrokken zwaard in de hand. Hij zegt: Ik ben de aanvoerder van het leger van de Heer. Zeg maar: die man is een engel, een bode van de Heer. Jozua buigt voor hem. De engel zegt tegen Jozua dat hij zijn schoenen uitdoen, want de grond waarop hij staat is heilig – net zoals Mozes moest doen, bij de brandende braamstruik. Jozua is dus de nieuwe Mozes.

Dan geeft de engel hem een bijzondere opdracht. Jozua moet niet direct beginnen met vechten, of met belegeren. Niet direct er bovenop slaan. Niet direct alles direct op willen lossen. Niet forceren. Loop voorlopig iedere dag maar een keer rustig om de stad. Niet met soldaten, maar met priesters; niet met wapens, maar met ramshoorns. Geen belegering maar een processie (religieuze optocht). Zes dagen lang. Een oefening in geduld en vertrouwen.

Vaak hebben Jericho’s, vaak hebben onze obstakels en problemen gewoon ook wat tijd nodig om een oplossing te vinden. Tijd en ook vertrouwen: dat het goed gaat komen. Het vertrouwen dat God je gaat helpen om jouw Jericho te overwinnen! Op Zijn manier. Op Zijn tijd. Vaak gaat het dan heel anders dan jezelf zou willen. Zwijgend rondjes lopen rond die stad, dat vonden de Israëlieten vast maar niets. En de Israëlische soldaten al helemaal niet! Maar voordat ze het beloofde land binnentrekken, moeten de Israëlieten nog één keer leren om hun toekomst in de hand van God te leggen. Om vertrouwen hebben dat God hen zal helpen en geven wat ze nodig hebben. Want er zijn altijd dingen die je niet zelf kunt pakken, die je alleen maar kunt ontvangen.

Zes dagen lang moet Israël iedere dag één rondje lopen om Jericho. Geduld hebben. Hun mond houden! Luisteren naar de ramshoorn/sjofar. Het geluid van de sjofar betekent: Luister. Pas op. Er gaat iets bijzonders gebeuren. Iets wonderlijks. Iets van God.

Op de zevende dag, als de week vol is, moeten de Israëlieten zeven keer rond Jericho lopen, en als de priesters op de sjofars gaan blazen, moeten ze gaan juichen. Dan mogen ze hun mond weer open doen. En dan zal God hen de stad geven. Dan zullen de muren scheuren en instorten Ze nemen de stad niet in…. ze krijgen de stad.

En daarmee zegt die engel ook: straks veroveren jullie het Beloofde Land – maar eigenlijk krijgen jullie het. En je kunt straks wel zeggen: dit is mijn land, maar eigenlijk is het land van God, en jullie zijn er te gast. En dat voor geldt ook voor het hele leven op deze aarde. We hebben het gekregen. Het is een cadeau van God. Wij zijn de gasten van God. Laten we daar dan ook naar leven! Zo zei de engel het tegen Jozua. En Jozua en het volk hebben gedaan wat de engel zei.

En toen is het gegaan, zoals de engel gezegd had. Zo kwam het goed met Israël, en het Beloofde land. Zo kwam Israël op zijn plek. Thuis. Een oud verhaal, met een telkens weer nieuwe boodschap. Wat helpt als we ons eigen Jericho / obstakel tegenkomen:

  • Geduld hebben
  • Vertrouwen hebben op God
  • In de bijbel is vertrouwen en geloven hetzelfde woord.

Zei Jezus, de nieuwe Jozua niet: wie het geloof heeft als een mosterdzaadje kan bergen verzetten? Wie leeft met een beetje vertrouwen op God, voor hem of haar zal een muur niet snel te hoog zijn.